Gemeenten treden niet of nauwelijks op bij de handhaving van de coronamaatregelen in uitgaansgelegenheden, meldt Trouw dinsdag op basis van een rondgang langs vijftien gemeenten waar veel uitgaansgelegenheden zijn. Ze zijn hier echter wel verantwoordelijk voor.

In de eerste twee weekenden dat er weer feesten georganiseerd konden worden, hebben de meeste gemeenten slechts een enkele officiële waarschuwing gegeven of boete uitgeschreven.

Veel gemeenten zeggen dat de capaciteit voor handhaving ontbreekt. Zo heeft Groningen vijf toezichthouders beschikbaar, werkt Zwolle met vier handhavers en stuurt Utrecht twaalf boa's op pad. Daarnaast willen sommige gemeenten horecaondernemers iets langer de tijd geven om zich aan te passen aan de nieuwe regels.

Omdat er te weinig handhavers zijn, grijpen veel gemeenten alleen in bij excessen, schrijft Trouw. In veel gemeenten zou het al eens zijn misgegaan. "Maar we gaan niet constant in cafés checken of de 1,5 meter wel gehandhaafd wordt", citeert het dagblad een woordvoerder van de gemeente Haarlem. Gemeenten zouden geen "politieagent willen spelen".

Mogelijk later alsnog strengere handhaving

In horecagelegenheden geldt sinds de laatste versoepelingen geen maximumaantal bezoekers, op voorwaarde dat er 1,5 meter afstand gehouden kan worden. Als dit niet kan, moeten bezoekers met de CoronaCheck-app bij de ingang aantonen dat ze negatief getest zijn op het coronavirus of gevaccineerd zijn tegen COVID-19. Gemeenten moeten erop toezien dat deze regels nageleefd worden.

Woordvoerders vertellen in gesprek met Trouw dat er in de toekomst mogelijk strenger gehandhaafd wordt. Vooralsnog zouden de meeste gemeenten inzetten op een aanpak waarbij overtreders eerst aangesproken worden en bij een nieuwe overtreding alsnog een boete krijgen.