De Gezondheidsraad moet zich gaan buigen over de vraag of de leeftijdsgrens waarop het AstraZeneca-vaccin wordt toegediend, kan worden verlaagd. Demissionair minister Hugo De Jonge (Volksgezondheid) vraagt het adviesorgaan daarnaast te onderzoeken of het interval tussen beide prikken van het vaccin kan worden verkort.

De Jonge vraagt zich af of nieuw onderzoek van het Europese geneesmiddelenbureau EMA aanleiding geeft voor aanpassing van de inzet van het vaccin. Het EMA concludeerde vrijdag na verdere bestudering van het AstraZeneca-vaccin dat de voordelen van het vaccin opwegen tegen de nadelen voor álle volwassenen.

Wat in dat advies opvalt is dat het risico op de zeer zeldzame bijwerking van het vaccin in de leeftijdscategorie 50 tot en met 59 jaar nagenoeg gelijk lijkt aan het risico in de leeftijdscategorie 60 tot en met 69 jaar, schrijft De Jonge. Het is daarom de vraag of deze leeftijdsgrens kan worden verlaagd, zodat meer mensen kunnen worden geprikt met AstraZeneca.

Vanwege de uiterst zeldzame bijwerking, waarbij gevaccineerden na een prik een ernstige vorm van trombose in combinatie met een tekort aan bloedplaatjes krijgen, worden op dit moment alleen zestigplussers geprikt met het AstraZeneca-vaccin.

Naar aanleiding van het nieuwe onderzoek van het EMA besloot België de leeftijdsgrens voor het prikken met AstraZeneca al te verlagen. Voortaan worden niet alleen mensen van 56 jaar en ouder geprikt, maar ook mensen vanaf 41 jaar.

Ook advies over verkorting prikinterval en tweede AstraZeneca-prik

Voordat de leeftijdsgrens werd ingesteld, werden in Nederland ook zestigminners gevaccineerd met AstraZeneca. Zij krijgen vooralsnog hun tweede dosis van AstraZeneca toegediend.

Hoewel het EMA bevestigt dat hiermee doorgegaan kan worden, kan het nog geen uitspraken doen over het risico op de zeer zeldzame bijwerking na het toedienen van de tweede dosis van het AstraZeneca-vaccin. De Jonge heeft de Gezondheidsraad daarom gevraagd of dit aanleiding geeft om de beslissing om de tweede dosis gewoon toe te dienen, te heroverwegen.

De minister verzoekt de Gezondheidsraad zich ook te buigen over het eventueel verkorten van de periode tussen de eerste en de tweede prik. De raad wordt naar "een optimaal interval" gevraagd. De Jonge zegt dat te vragen nu er een "sterk verbeterde beschikbaarheid" van het vaccin is, waardoor een korter interval volgens hem bij zou kunnen dragen aan een versnelling in het vaccinatieprogramma.