Zo'n 350 tot 400 kerkgangers konden afgelopen weekend een fysieke kerkdienst bijwonen in de Sionkerk op Urk. De kerk opende de deuren uit onvrede met het coronabeleid van de overheid. En dat mag, want de kerken zijn niet verplicht zich aan deze maatregelen te houden. Hoe zit dat?

In een verklaring zegt de kerk de coronaregels te hebben losgelaten vanwege "de zielenheil van de mens", aldus ouderling en voorlichter H. Snoek. "Het contact lijkt weg. En op de psychische nood van de gemeente wordt niet gelet."

Volgens Snoek houden meer kerken zich niet aan de coronamaatregelen. Hoewel veel kerken wel de deuren grotendeels hebben gesloten en de diensten zo veel mogelijk online verzorgen, zijn ze hier echter niet toe verplicht. De Nederlandse kerken zijn namelijk op basis van de godsdienstvrijheid uitgezonderd van alle door de regering doorgevoerde coronamaatregelen.

Op basis van artikel 6 van de grondwet heeft iedereen in Nederland het recht zijn of haar godsdienst of levensovertuiging te belijden, zo lang je je maar aan de wet houdt. Op basis van die wet mag alleen buiten gebouwen en besloten plaatsen regels worden ingevoerd die de volksgezondheid moeten beschermen.

Grondrechten van kerken werden begin negentiende eeuw bekrachtigd

"De grondrechten van kerken zijn in de Nederlandse grondwet van oudsher net iets beter geregeld dan andere rechten", legde hoogleraar bestuursrecht Herman Broring van de Rijksuniversiteit Groningen eerder uit aan NU.nl. "Die godsdienstvrijheid en de daarbij behorende rechten werden begin negentiende eeuw, toen deze werd bekrachtigd, buitengewoon belangrijk gevonden."

Hoewel het recht op protest en samenscholing ook is vastgelegd in de grondwet, gaat het daar om een buitenruimte. "Als je een demonstratie houdt, moet je allerlei vergunningen aanvragen waar de overheid restricties of eisen aan kan verbinden. Dat beïnvloedt het openbare leven", aldus Broring. "Maar dat geldt niet als evenementen in een huis of kerk plaatsvinden."

De urgentie van die rechten voor kerken is vermoedelijk terug te leiden naar de Nederlandse geschiedenis, stelde de geleerde. "Ons land komt voort uit een godsdienstoorlog: het calvinisme zit ons in het bloed. En ook onze behoefte om die vrijheid die we toen tegen de Spanjaarden zo hard hebben bevochten, vast te houden."