Naar schatting 3.400 mensen zijn vorige week overleden. Dat zijn ongeveer evenveel sterfgevallen als verwacht werd voor deze periode, meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) vrijdag op basis van voorlopige sterftecijfers.

Nederland had sinds halverwege september te maken met oversterfte als gevolg van de tweede coronagolf. De sterfte daalt al enige tijd. Vorige week lag het aantal sterfgevallen voor het eerst in maanden weer onder het verwachte niveau.

Dit betekent niet dat er vorige week geen mensen meer overleden aan COVID-19. Bij het RIVM werden in die periode 294 coronagerelateerde sterfgevallen gemeld. Het gaat om meldingen die soms vertraagd binnenkomen. Het is dus mogelijk dat mensen al eerder waren overleden of ondanks hun overlijden die week nog niet waren gemeld bij het RIVM.

In de desbetreffende week zijn minder mensen overleden die zorg ontvingen in het kader van de Wet langdurige zorg. De sterfte zit net onder het verwachte niveau, net als bij de tachtigplussers. In deze leeftijdsgroep vonden vorige week eveneens minder sterfgevallen plaats dan een week eerder.

De voorlopige cijfers van het CBS zijn gebaseerd op de dagelijkse berichten over het aantal overledenen die het bureau elke dag krijgt. Hierin staan geen doodsoorzaken vermeld. Die informatie krijgt het CBS later. Inmiddels is vastgesteld dat van maart tot en met oktober vorig jaar bijna dertienduizend mensen COVID-19 als doodsoorzaak hebben.

Sterfte tot en met week 6