De start van de coronavaccinatiecampagne betekent niet dat de zoektocht naar een betere ziekenhuisbehandeling van COVID-19 is stopgezet. Onderzoek loopt nog steeds en in het afgelopen jaar zijn er meerdere middelen gevonden die de kans verlagen dat ernstig zieke COVID-19 patiënten komen te overlijden.

Welke medicijnen helpen opgenomen COVID-19-patiënten en hoe verloopt in het ziekenhuis het onderzoek naar medicijnen? NU.nl vroeg dit aan intensivist Lennie Derde van het UMC Utrecht. Zij coördineert het Europese gedeelte van de zogeheten REMAP-CAP-studie. Dit is een onderzoek waaraan ongeveer driehonderd ziekenhuizen wereldwijd deelnemen. Hierin wordt gekeken welke medicatie de behandeling van ernstig zieke COVID-19 patiënten verbetert.

Wat zijn de belangrijkste vondsten?

Derde vertelt dat we, mede dankzij dit onderzoek, nu twee verschillende soorten medicijnen hebben waarvan we weten dat ernstig zieke COVID-19-patiënten er baat bij hebben.

Het eerste soort medicijnen waarvan bleek dat ze werken tegen ernstige COVID-19, zijn de zogenaamde corticosteroïden. Uit een Brits onderzoek van afgelopen zomer genaamd RECOVERY bleek dat dit soort medicijnen de overlevingskansen verbeteren van COVID-19-patiënten die zo ziek zijn dat ze extra zuurstof toegediend krijgen of aan de beademing liggen op de intensive care. Derde vertelt dat het nut van deze corticosteroïden in de REMAP-CAP-studie is bevestigd. Inmiddels wordt dit middel dan ook standaard gebruikt in het ziekenhuis als een patiënt extra zuurstof of beademing nodig heeft.

Derde legt uit dat in de REMAP-CAP-studie eind vorig jaar ook bekend is geworden dat zogeheten IL6-remmers de kans op overlijden verkleinen bij zeer zieke patiënten op de ic. Vorige week bevestigde het Britse RECOVERY-onderzoek dit. Ze kwamen er daarnaast achter dat ook opgenomen patiënten die niet op de ic liggen, baat hebben bij dit middel.

De Britse wetenschappers verwachten dat de combinatie van IL6-remmers en corticosteroïden de sterfte bij patiënten die extra zuurstof, maar geen beademing, nodig hebben met een derde kan verlagen. Bij patiënten die aan de beademing liggen wordt de sterfte waarschijnlijk met 50 procent verlaagd.

Waarom is er geen medicijn dat bij iedereen werkt?

Beide soorten medicijnen maken de kans dat hele zieke coronapatiënten komen te overlijden kleiner, maar maken deze kans nog zeker geen nul. Het is volgens Derde ook niet de verwachting dat er één medicijn zal worden gevonden dat altijd werkt. "Het coronavirus veroorzaakt een heel complex ziektebeeld. Het virus zelf geeft bijvoorbeeld schade, maar ook de reactie van het immuunsysteem op het virus veroorzaakt vaak problemen."

"Daarnaast zien we dat COVID-19-patiënten regelmatig kleine propjes in het bloed hebben, die bloedvaten kunnen verstoppen. Je kan niet verwachten dat één middel al deze problemen bij iedereen oplost."

Zorgvuldig onderzoek is noodzakelijk

Derde verwacht wel dat de behandeling van COVID-19 in het ziekenhuis verder kan worden verbeterd. "Goed onderzoek is hierbij belangrijk. Het is niet verstandig om zonder goede onderbouwing medicijnen aan grote groepen COVID-19 patiënten voor te schrijven. Het is namelijk ook mogelijk dat medicijnen schadelijk zijn."

Maar wat voor onderzoek is dan nodig? Derde legt uit dat in onderzoeken als de REMAP-CAP-studie de deelnemers altijd op basis van toeval worden opgedeeld in, in ieder geval, twee groepen. Eén groep krijgt een experimenteel middel én de gebruikelijke zorg, terwijl een andere groep alleen de gebruikelijke zorg krijgt.

"Doordat willekeurig is bepaald wie in welke groep zit, is de kans groot dat, als je een verschil ziet tussen de groepen, dit daadwerkelijk wordt veroorzaakt door het experimentele middel", aldus Derde.

Als je dit niet doet en bijvoorbeeld alle COVID-19-patiënten die op een bepaald moment in een ziekenhuis liggen een experimenteel middel geeft, en de patiënten overleven het allemaal, dan weet je niet waardoor dit komt. Het is in theorie mogelijk dat dit door het experimentele middel kwam, maar het kan ook dat de patiënten het zonder dit middel ook allemaal sowieso hadden overleefd.

Door goed uitgevoerd onderzoek weten we nu dat hydroxychloroquine, dat in het begin van de pandemie veelbelovend leek, niet werkt en mogelijk zelfs de sterfte verhoogt. Een ander middel dat op dit moment veel aandacht krijgt, ivermectine, wordt op dit moment in REMAP-CAP onderzocht. We weten nog niet of het werkt.

Wat zijn de belangrijkste vragen?

Derde legt uit dat ze met de REMAP-CAP-studie de beste behandeling probeert te vinden voor ernstig zieke COVID-19-patiënten. Het is volgens Derde waarschijnlijk dat deze behandeling gaat bestaan uit meerdere middelen. De medicijnen die al eerder bleken te werken, zijn middelen die het immuunsysteem beïnvloeden. "We hopen bijvoorbeeld ook medicijnen te vinden die het virus zelf aanpakken."