Rechter zette dinsdagochtend streep door avondklok: zo zit dat inhoudelijk
De rechtbank in Den Haag heeft dinsdagmorgen besloten dat de regering de avondklok moet opheffen. Waar baseert de rechter deze uitspraak op? En worden nu alle boetes die de afgelopen weken zijn uitgedeeld geschrapt? Universitair hoofddocent staats- en bestuursrecht Joost Sillen van de Radboud Universiteit is gespecialiseerd in de toetsing van wet- en regelgeving.
"De regeling met de avondklok is - zowel praktisch als juridisch - heel bijzonder: het gaat ook om een wet die nog niet eerder is toegepast. Ik had eerlijk gezegd niet verwacht dat de rechter op deze manier een streep zou zetten door een maatregel waarvan de regering en de Kamer zeggen: dit is nodig om ernstig gevaar af te wenden."
"In dit soort situaties nemen rechters niet vaak het voortouw om te voorkomen dat zij op de plek van het bestuur gaan zitten. Ze kijken meer van een afstandje toe en grijpen in als het écht mis gaat."
"De rechter zet terloops vraagtekens bij de onderbouwing die de regering heeft gegeven bij het instellen van de avondklok. Maar dat is niet waar de rechter nu over valt. De rechter zegt: de wet waar de regering zich op beroept, geldt alleen voor buitengewone omstandigheden, oftewel heel plotseling opkomende rampen. De rechter spreekt over 'superspoed', zoals een dijkdoorbraak."
"Over de avondklok is heel lang nagedacht en gepraat, Mark Rutte heeft het idee vaker genoemd bij de persconferenties, er is een debat geweest. Dus valt de avondklok volgens de rechter niet onder die definitie. De regering had daarom niet gebruik mogen maken van die bijzondere wet en mocht dus niet zelf de avondklok instellen. In plaats daarvan zou dat moeten gebeuren via een wet die door regering en Tweede en Eerste Kamer is goedgekeurd."
"Het kabinet gaat in hoger beroep, dat is een logische stap. De kortgedingrechter heeft de avondklok onmiddellijk van tafel geveegd zonder een bodemprocedure af te wachten. Het kabinet wil daarop wel wachten. Bovendien zegt de rechter dat de fout die is gemaakt bij het invoeren van de avondklok niet kan worden gerepareerd door het aannemen van de zogenoemde voortduringswet. Met die wet geven de Tweede en Eerste Kamer de regering toestemming om met de avondklok door te gaan. Deze wet is inmiddels al goedgekeurd door de Tweede Kamer, maar moet nog door de Eerste Kamer worden geloodst."
"Dat de rechter ook geen genoegen neemt met een avondklok die is gedekt door die voortduringswet, vind ik wel heel formalistisch en streng. De rechter geeft ook niet echt uitleg voor die voorwaarde. In dat geval zou namelijk gewoon het hele parlement achter deze maatregel staan en zou de kwestie juridisch in principe goed afgedekt zijn."
"Er kunnen in elk geval op dit moment, met dit vonnis van de rechter, op dit moment geen boetes meer worden opgelegd. Of oude boetes worden geschrapt, is afhankelijk van de uitspraak in hoger beroep. Ik kan mij, op basis van de uitspraak die er nu ligt, voorstellen dat de rechtbank in hoger beroep een andere afweging maakt dan de gewone rechtbank nu gedaan heeft. En dan is er geen sprake van dat de boetes geschrapt gaan worden."
"Met deze wet werd sneller het beoogde doel bereikt. Het door het parlement heen loodsen van wetten kan een procedureel lang, moeizaam proces zijn. De regering vond dat zij daar in dit geval niet op kon wachten, er moest - op advies van de experts in het OMT - snel worden opgetreden om het aantal besmettingen in te dammen."
"Nee, want die maatregelen zijn genomen op basis van een andere wet, de tijdelijke coronawet. Daar vallen ook de maatregelen onder als afstand houden op straat of het dragen van een mondkapje. Deze wet over de avondklok is speciaal in het leven geroepen voor deze specifieke situatie omdat er veel haast bij was."
"Het zijn twee aparte vraagstukken. De eerste vraag is: wie mag wanneer welke maatregel doorvoeren. Daarover is de staat nu op de vingers getikt. De tweede vraag is of, als alles goed geregeld is - dus als Tweede en Eerste Kamer akkoord zijn - of dan de juiste afweging in het maatschappelijk belang is gemaakt. Dat is een het spanningsveld tussen de individuele vrijheid die een burger heeft en het maatschappelijk belang van de volksgezondheid. Daar kan de rechter ook een streep doorheen zetten, maar dat is in dit geval niet gebeurd."
