Leerlingen die door de tijdelijke scholensluiting een onderwijsachterstand hebben opgelopen moeten twee tot drie jaar extra aandacht, zoals bijles, op school krijgen. Dat zegt PO-Raad-voorzitter Rinda den Besten in gesprek met NU.nl. Alleen op die manier is te voorkomen dat een gat wordt geslagen tussen leerlingen met en zonder een achterstand, zegt de sectororganisatie voor het basisonderwijs.

Leerlingen hoeven volgens Den Besten niet jarenlang continu bijles te krijgen, maar op de momenten dat het in die periode nodig is, moeten de tijd en het geld er zijn om de extra ondersteuning te kunnen bieden. "We moeten deze generatie echt langdurig blijven volgen", zegt ze.

De PO-Raad gaat dat advies ook geven aan onderwijsminister Arie Slob met wie de raad aan tafel zit om te bespreken hoe de achterstanden zijn in te halen. Eind februari of begin maart is dat plan klaar.

Of het lukt om alle leerachterstanden in te halen weet Den Besten niet, zegt ze eerlijk. "De onderwijsachterstanden waren voor de coronacrisis al aan het toenemen door kansenongelijkheid. Dat gat groeit. Of we dat weer dichten hangt af van hoelang we met elkaar durven investeren. Maar dan moeten we er echt met elkaar voor kiezen dit goed te doen."

'Richt aanpak op het hele onderwijs'

Het betekent volgens de voorzitter van de PO-Raad dat de aanpak niet alleen maar gericht moet zijn op het basisonderwijs, maar op het onderwijs in de hele breedte. Als voorbeeld neemt ze een leerling die nu in groep acht zit, maar over twee jaar in klas twee van het middelbaar onderwijs.

"Als corona dan allang weer weg is, moet een docent zich realiseren: oh ja, toen er corona was zat jij in groep acht en toen heb je veel minder les gehad. We moeten kinderen blijven ondersteunen", aldus Den Besten.

Volgens PO-Raad-voorzitter Den Besten moet het geven van bijles niet op de schouders van docenten rusten.

Volgens PO-Raad-voorzitter Den Besten moet het geven van bijles niet op de schouders van docenten rusten.
Volgens PO-Raad-voorzitter Den Besten moet het geven van bijles niet op de schouders van docenten rusten.
Foto: ANP

'Noodopvang niet hetzelfde als heel goed onderwijs'

De PO-Raad maakt zich zorgen om kwetsbare kinderen uit gezinnen met een sociaal-economisch lagere status. Die kinderen hebben weliswaar de mogelijkheid om naar de noodopvang te komen, maar dat is volgens Den Besten "niet hetzelfde als heel goed onderwijs".

"Op de noodopvang mogen ook onbevoegden lesgeven. Dat gaat met stagiaires en soms gymdocenten. Je kan bedenken dat dat minder goed onderwijs is."

Daarnaast maakt Den Besten zich ook zorgen over de leerlingen waar "tot voor kort eigenlijk niks mee aan de hand was". "Die beginnen er nu toch ook wel veel last te krijgen".

"Niemand kan al iets zeggen over hoe groot het gat is in kennis of vaardigheden, maar dat er wel degelijk een gat is ontstaan, dat is helder."

'Extra handen' nodig op scholen

De benodigde bijlessen voor de komende jaren betekenen dat er "extra handen" in het onderwijs nodig zijn, zegt Den Besten. "Het moet niet op de schouders van de leraren terecht komen. Daar is de werkdruk over de hele linie al fors."

Volgens de voorzitter van de PO-Raad kan die extra hulp komen van leraren die met pensioen zijn gegaan, huiswerkinstituten die al individuele kinderen begeleiden of andere gekwalificeerde begeleiders.

"In de zomer waren ze er ook toen we een aantal weken extra onderwijs boden. Ik heb er vertrouwen in dat dat straks ook lukt. Zeker als je structureel geld hebt om dat te kunnen doen."

Hoeveel geld er precies nodig is om de leerachterstanden weg te werken weet Den Besten niet. "Maar dit vraagt heel veel. Minister Slob zei gelukkig dat hij met geld zou komen en ik hoop dat hij diep in de broekzakken tast."