Na de vaccinatie van de eerste groep zorgmedewerkers, begint maandag de vaccinatie van de eerste verpleeghuisbewoners en mensen met een verstandelijke beperking die in instellingen wonen. Deze week krijgen naar verwachting zo'n vijftienduizend personen hun eerste vaccin tegen COVID-19.

Het gaat in eerste instantie om iets meer dan tien instellingen, zei demissionair minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid) vorige week. "Voor de snelheid zijn we afhankelijk van de levering." In de weken daarna volgen grotere aantallen. Thuiswonende ouderen zijn vanaf medio februari aan de beurt.

Ook verpleeghuisbewoners krijgen het vaccin van Pfizer/BioNTech toegediend. Dit is het eerste vaccin dat werd goedgekeurd voor gebruik in de Europese Unie. Met de vaccinatie van deze groep kan eerder dan verwacht worden begonnen, doordat Nederland een extra bestelling van die vaccins heeft gedaan.

Het Pfizer-vaccin moet onder -70 graden Celsius worden bewaard. Dat levert uitdagingen op bij de verspreiding. Toch krijgt de eerste groep bewoners van instellingen dit vaccin toegediend. Grote instellingen richten daarvoor zelf priklocaties in.

Kwetsbare ouderen zouden volgens de aanvankelijke plannen bij de vaccinatiecampagne vooraan staan. De Gezondheidsraad heeft daar in meerdere adviezen op aangedrongen. Het kabinet besloot echter de strategie aan te passen en te beginnen met medewerkers van verpleeghuizen en medewerkers in de acute zorg, die dagelijks coronapatiënten behandelen.

Vanaf volgende week maandag wordt ook het onlangs goedgekeurde coronavaccin van Moderna gebruikt. Ouderen en mensen met een beperking die in kleinere instellingen wonen, krijgen dit vaccin. Huisartsen gaan de vaccins toedienen.