Nederland gaat eerst zorgmedewerkers van verpleeghuizen vaccineren. Hoe goed je kwetsbare bewoners daarmee beschermt, hangt voor een belangrijk deel af van de kenmerken van het gebruikte vaccin en de vaccinatiebereidheid.

De 269.000 zorgmedewerkers in de verpleeghuizen zijn onder de eersten die in aanmerking komen voor een coronavaccin. Wat voor nut heeft het eigenlijk om juist deze groep te vaccineren?

Frits Rosendaal, hoogleraar klinische epidemiologie aan het LUMC, legt uit dat je met deze vaccinatiestrategie probeert te voorkomen dat het coronavirus een verpleeghuis binnenkomt. Daar wonen namelijk veel mensen die een hoge kans hebben om ernstige klachten te krijgen of te sterven aan de gevolgen van het virus.

Net als bezoekende familieleden kan zorgpersoneel het coronavirus een verpleeghuis binnenbrengen. Zorgmedewerkers kunnen bijvoorbeeld in hun gezin, tijdens het boodschappen doen of tijdens het sporten besmet raken en vervolgens een bewoner in het verpleeghuis besmetten.

Als het coronavirus eenmaal in een verpleeghuis is, kan het zich volgens Rosendaal vaak makkelijk verspreiden. "In verpleeghuizen wonen bijvoorbeeld veel mensen met dementie. Deze mensen zijn vaak moeilijk te isoleren en je kan ze ook niet altijd goed uitleggen dat ze afstand moeten houden."

We weten toch nog niet of het vaccin verspreiding voorkomt?

Hoe goed het vaccineren van het zorgpersoneel gaat helpen om het coronavirus uit de verpleeghuizen te houden, hangt volgens Rosendaal van meerdere dingen af. "Het maakt bijvoorbeeld uit hoeveel verpleeghuismedewerkers zich laten vaccineren en hoe goed het vaccin voorkomt dat mensen het coronavirus nog kunnen verspreiden."

"We weten nu dat het vaccin dat als eerste gebruikt gaat worden, het Pfizer-vaccin, ruim 90 procent bescherming biedt tegen de door het coronavirus veroorzaakte ziekte. Of het vaccin net zo goed is in het tegengaan van verspreiding van het coronavirus, dat weten we nog niet. Maar het is zo goed als zeker dat het vaccin de kans verkleint dat mensen het virus verspreiden; als je niet ziek wordt, hoest en snotter je ook niet."

Rekenvoorbeeld

Als het vaccin minder bescherming biedt tegen de verspreiding van het virus dan tegen ziekte, voorkomt het nog steeds uitbraken. Ook als de effectiviteit wat dit betreft bijvoorbeeld 70 procent is, zegt Rosendaal.

De hoogleraar legt dit uit aan de hand van een rekenvoorbeeld. "Stel dat iedereen die in een verpleeghuis werkt op dit moment 1 procent kans heeft om een bewoner te besmetten. Met een vaccin zou die kans bij iedere gevaccineerde medewerker kunnen dalen naar 0,3 procent."

Wat dit betekent voor de kans dat er een uitbraak in een verpleeghuis ontstaat, kan je als volgt berekenen: stel, je hebt tien verpleeghuizen met ieder honderd medewerkers. Zonder vaccinatie verwacht je op basis van deze cijfers dat in alle tien verpleeghuizen één medewerker een bewoner besmet, met een uitbraak als mogelijk gevolg. Als alle medewerkers gevaccineerd zijn, verwacht je slechts in drie van de tien verpleeghuizen dat een medewerker een bewoner besmet.

Bovenstaand voorbeeld laat ook zien dat het nut van deze vaccinatiestrategie afhangt van de vaccinatiebereidheid van de zorgmedewerkers. Als slechts een klein deel van de medewerkers zich laat vaccineren, dan voorkom je minder vaak dat een medewerker het coronavirus het verpleeghuis binnenbrengt.

Zo moet het Pfizer-vaccin het coronavirus in je lichaam bestrijden
59
Zo moet het Pfizer-vaccin het coronavirus in je lichaam bestrijden

Is het niet beter eerst de bewoners te vaccineren?

Het vaccineren van verpleeghuismedewerkers kan dus uitbraken in verpleeghuizen voorkomen. Toch heeft de Gezondheidsraad geadviseerd om - indien mogelijk - eerst de bewoners van de verpleeghuizen zelf en andere kwetsbare ouderen te vaccineren. De belangrijkste reden hiervoor is dat je daarmee direct de mensen die een hoog risico lopen op ernstige COVID-19-symptomen beschermt.

Ook Rosendaal vertelt dat het vaccineren van bewoners van verpleeghuizen een directere en meer zekere manier is om deze mensen te beschermen dan eerst medewerkers in te enten. Ook als alle medewerkers gevaccineerd zijn, kunnen er nog steeds grote uitbraken in sommige verpleeghuizen ontstaan.

Toch is de hoogleraar blij dat eerst de zorgmedewerkers van verpleeghuizen worden gevaccineerd. "Logistiek is het vaccineren in verpleeghuizen een grote uitdaging. Dit komt deels door de eigenschappen van het Pfizer-vaccin, dat buiten de vriezer slechts beperkt houdbaar is. Maar het is bijvoorbeeld ook lastig om van dementerende ouderen toestemming voor vaccinatie te krijgen. Je zal mogelijk eerst de kinderen moeten bellen, voordat je een dementerende bewoner mag vaccineren."