Iedereen in Nederland moet zich vanaf maart gemiddeld een keer per maand kunnen laten testen op het coronavirus, ongeacht of iemand klachten heeft of niet. Dat schrijft minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid) woensdag in een brief aan de Tweede Kamer.

Met dit plan moeten er tien miljoen testen per maand kunnen plaatsvinden. Om dit doel te halen gelden volgens De Jonge geen limieten, "ook niet in financiële zin". Door het veelvuldig testen wil het kabinet de besmettingsgraad laag houden en perspectief bieden voor een zo open mogelijke samenleving.

Om dit grootschalig testen mogelijk te maken wil de minister in januari twee experimenten uitvoeren. "Door deze experimenten kijken we wat de beste aanpak voor grootschalig testen is", schrijft de minister.

Volgens de minister is er wel nog veel nodig om deze beoogde testafnamecapaciteit te realiseren. "Om op méér plekken méér mensen te kunnen testen vanaf 1 maart zullen er aanvullende testafname-aanbieders en -locaties bij moeten komen", aldus De Jonge.

Het streven van het kabinet is om in maart tot 175.000 testen per dag te kunnen uitvoeren. "Dat is echter niet voldoende", schrijft hij. "Om de bevolking vanaf maart frequent en grootschalig eens per maand te kunnen laten testen is een verdubbeling van die ambitie nodig en daarbij zoek ik nadrukkelijk de samenwerking met de ondernemers, werkgevers, instellingen en VNO-NCW voor het realiseren van meer testafnamecapaciteit", aldus de minister.