Bij huisartsen zijn zeker 764 mensen in beeld gekomen die vermoedelijk aan de gevolgen van een coronabesmetting zijn overleden, maar niet zijn getest of in het ziekenhuis zijn opgenomen, blijkt uit de eerste cijfers van een nieuw meldsysteem van huisartsen.

Meld je aan Wil je elke avond een update van het laatste coronanieuws ontvangen?

Het Consortium Huisartsgeneeskunde nam ruim een week geleden in samenwerking met het platform ZorgDomein het initiatief tot een onderzoek dat coronasterfte beter in kaart moet brengen. Zeker 20 procent van alle Nederlandse huisartsenpraktijken zou eraan hebben bijgedragen.

De 764 sterfgevallen zouden boven op het officiële sterftecijfer moeten komen, dat sinds vrijdag op 4.289 staat.

Volgens de huisartsen is bovendien al veel eerder dan gemeld iemand aan COVID-19 overleden: dat zou zijn gebeurd op 27 februari, terwijl Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) 6 maart als datum aanhoudt. Het RIVM zegt de cijfers van het Consortium Huisartsgeneeskunde te bestuderen.

Slechts klein deel van groep vermoedelijke coronapatiënten was getest

Huisartsen zouden de laatste weken ongeveer achttienhonderd COVID-19-patiënten behandeld hebben. Slechts een klein deel van hen was officieel op het virus getest; het grootste deel kwam in een behandeltraject nadat huisartsen een besmetting op het spoor kwamen.

Jochen Cals, projectleider en hoogleraar aan de Universiteit Maastricht, is tevreden over het verloop van het initiatief. "Het onderzoek geeft nu al een goede indruk over de intensieve zorg die huisartsen leveren aan kwetsbare COVID-19-patiënten die thuis of in het verzorgingstehuis zijn."

Volg de laatste ontwikkelingen rond het virus in ons liveblog.