Basisscholen gaan vanaf 11 mei weer deels open en het voortgezet onderwijs wordt mogelijk op 2 juni hervat. Leraren uit het hele land hebben vragen en maken zich zorgen over de nieuwe situatie. "Het is een logistieke puzzel die in de komende vorm nog even een brug te ver is."

Juist nu leraren en kinderen gewend zijn geraakt aan het thuisonderwijs, wordt het systeem weer aangepast. Dat leidt tot verontwaardigde reacties bij leerkrachten. Vijftig docenten uit het lerarenpanel van NU.nl gaven hun mening over het besluit. Daarvan heeft zo'n twee derde nog vragen of zorgen over het openen van de basisscholen.

Basisschoolleerkracht Annelies ziet op tegen de nieuwe situatie. "Ik heb veel tijd en energie gestoken in deze nieuwe manier van lesgeven. Hoeveel rek wordt er van onderwijspersoneel verwacht?"

Lerares Annegien Willemsen schaart zich achter Annelies, ze legt uit hoe moeilijk het is om de schooltaken op de nieuwe manier te verdelen: "Ik wil graag lesgeven. Maar ik kan niet én de groep die aanwezig is bedienen, én de groep die die dag thuis is."

Willemsen is bang dat kinderen uiteindelijk minder onderwijs krijgen doordat de aandacht niet goed verdeeld kan worden.

"Dat is een onmogelijke taak binnen een dag. We geven niet zomaar lesjes, we hebben leerlijnen en doelen en werken aan individuele ontwikkeling per leerling op alle kernleergebieden. Een logistieke puzzel die in de komende vorm nog even een brug te ver is."

'Het voelt alsof we iets gevaarlijks gaan doen'

De groep onderwijzers is ook ongerust over het besmettingsgevaar. Het kabinet zou een besluit nemen op basis van het RIVM-onderzoek naar de verspreiding van het coronavirus onder honderd gezinnen. Maar dit onderzoek is nog niet af. Het kabinet baseerde het besluit om de scholen te heropenen daarom ook op andere, deels buitenlandse, statistieken.

Kinderen die besmet zijn geraakt met het coronavirus worden minder ziek dan volwassenen met COVID-19 binnen hetzelfde gezin, bleek uit de voorlopige onderzoeksresultaten van het RIVM. Ook blijkt dat er weinig verspreiding van het virus is tussen kinderen in hetzelfde huishouden, aldus Jaap van Dissel.

Annelies is echter nog niet gerustgesteld. "Omdat het RIVM-onderzoek niet af is, had ik niet verwacht dat dit besluit genomen zou worden. Het voelt alsof we iets gevaarlijks gaan doen. Zoals na de persconferentie werd gezegd: 'wij' mogen proefkonijn zijn."

"Het gevoel van proefkonijnen is er ook door het feit dat er weinig is veranderd aan de situatie in vergelijking met een paar weken terug", vult de uit Boskoop afkomstige leerkracht Krijn de Winter aan. "Het is duidelijk dat kinderen minder risico lopen op besmetting en verspreiding, maar hoeveel precies is niet bekend."

Een handvol leraren uit het NU.nl-panel overweegt daarom alsnog thuis te blijven. Om de angst voor het virus tegen te gaan, krijgen onderwijzers hulp van de GGD. Kwetsbare personen kunnen getest worden, bevestigde Sjaak de Gouw, directeur van GGD Hollands Midden, in de Tweede Kamer.

Leerlingen kunnen elkaar weer zien

Uit wereldwijde cijfers bleek overigens dat kinderen die het coronavirus krijgen ondervertegenwoordigd zijn. In Nederland is nauwelijks 1 procent van de groep met de leeftijd tot achttien jaar besmet, terwijl zij 22 procent van de totale bevolking uitmaken. Hetzelfde beeld is te zien in China, Korea, Spanje en de VS, bleek dinsdag uit de persconferentie.

"Alles wijst in dezelfde richting dat kinderen minder vaak getroffen worden door het coronavirus en het eerder van de ouders oplopen dan andersom", aldus Van Dissel.

Ongeveer een derde van de leraren uit het panel steunt het besluit van het kabinet wel. "De basisscholen kunnen prima weer open. Dat geeft lucht aan ouders. Zij hebben het echt zwaar gehad met combineren van werk en zorg", zegt leerkracht Ivo.

Diverse leraren vinden het positief dat leerlingen elkaar weer kunnen zien, maar er heerst twijfel over of dat opweegt tegen de bezwaren. De Winter: "Ik vraag me echt af of in de komende situatie het leerrendement van een gemiddeld kind hoger zal liggen dan dat het nu met het thuisonderwijs ligt."

Hij is bang dat veel tijd verloren zal gaan aan andere zaken doordat kinderen maar de helft van de tijd op school zijn.

Ondanks de zorgen bereidt Willemsen zich in ieder geval vast voor op de nieuwe situatie. Een greep uit haar to-dolijst: "Start- en eindtijden bedenken, regels omtrent het wc-gebruik, de looprichting, handenwaslessen geven, afspraken over wanneer je ziek naar huis moet, een back-upprogramma voor als ik zelf ziek zou worden, enzovoort. Hijs de zeilen."

Volg de laatste ontwikkelingen rond het virus in ons liveblog.