Ambassadeurs van diverse Afrikaanse landen hebben in een gezamenlijke brief hun zorgen over de toenemende discriminatie van Afrikanen in China geuit. Zij worden tijdens de coronacrisis vaker lastiggevallen.

China worstelt met de nasleep van de uitbraak en heeft momenteel te maken met een groeiend aantal mensen dat buiten de landsgrenzen besmet is geraakt.

In een brief aan de Chinese minister van Buitenlandse Zaken schrijven de ambassadeurs van onder meer Ghana, Kenia en Nigeria dat met name Afrikanen in zuidelijke Chinese steden zoals Guangzhou worden lastiggevallen.

Lokale media meldden dat Afrikaanse burgers zonder geldige reden uit hun huizen worden gezet, meerdere keren gedwongen worden getest op het coronavirus (zonder daarna de uitslag te horen) en daarnaast worden genegeerd en gediscrimineerd.

In de brief halen de ambassadeurs verschillende gerapporteerde incidenten aan. Zo zijn Afrikanen midden in de nacht uit hun hotelkamer gezet, zijn paspoorten ingenomen en werden ze bedreigd met arrestatie en deportatie.

China ontkent discriminatie

De ambassadeurs in Peking zeggen dat de stigmatisering ten onrechte de indruk kan wekken dat het virus met name door Afrikanen wordt verspreid. Ze eisen dat China onmiddellijk stopt met de gedwongen testen.

China ontkent dat er op grote schaal wordt gediscrimineerd. "Onze Afrikaanse vrienden kunnen rekenen op een eerlijke, rechtvaardige en vriendelijke ontvangst", stelde een woordvoerder van het ministerie van Buitenlandse Zaken zondag in een reactie.

In China zijn zondag 108 nieuwe besmettingen met het coronavirus vastgesteld, het hoogste aantal nieuwe besmettingen in zes weken. In 98 gevallen gaat het om mensen die van buiten China komen. In China zijn tot nu toe 3.341 mensen overleden aan de gevolgen van het virus.

Volg de laatste ontwikkelingen rond het virus in ons liveblog.