In 1934 was het Feijenoord Stadion in aanbouw. De leden van Feyenoord waren vol enthousiasme over dit enorme project en schreven het lyrische gedicht ’60.000!’. Ruim zeventig jaar later wordt dit stadion keer op keer bedreigd met afbraak. Ambitie volop, maar hoe zit het met de traditie? Door Jurryt van de Vooren/ Weblog over Sportgeschiedenis.

Dat er nogal wat te veranderen is in Rotterdam-Zuid is ook voor mij duidelijk en daar bemoei ik me niet mee. Ik heb namelijk geen enkele verstand van wat een club in problemen moet doen en waar er geldschieters gevonden moeten worden. Daarom lijkt het mij volkomen logisch dat hier de specialisten zich over buigen. Maar als het gaat om de toekomst van De Kuip bemoei ik me er wel mee! Als sporthistoricus, maar ook uit clubliefde.

Niet voor het eerst in de afgelopen jaren is er discussie over de toekomst van De Kuip. In 2005 werd in NOC*NSF-kringen hardop nagedacht over het vervangen van De Kuip voor een nieuw stadion. Er moet namelijk een plek komen, die te gebruiken is voor een eventueel WK Voetbal in Nederland of zelfs de Olympische Spelen.

En nu is de discussie terug. In de Volkskrant van 6 december bijvoorbeeld wordt gesproken over een verhuizing naar het nabijgelegen Varkenoord, waar de amateurs van Feyenoord spelen. Het maakt onderdeel uit van de renovatieplannen naar aanleiding van de huidige crisis.

Keer op keer maakt dat mensen zoals mij zenuwachtig. Er werd zelfs een site in het leven geroepen om tegenstanders van sloop te bundelen.

Woerts

Er is overigens wel nuance op zijn plaats dit keer. Chris Woerts van Feyenoord zei deze week dat er een soortgelijk stadion op Varkenoord moet verschijnen over tien jaar en dat is heel anders dan iets compleet nieuws, een Amsterdam Arena voor Rotterdam. Want dat laatste zou echt verschrikkelijk zijn…

Maar toch, maar toch.

Wij van het Afrikaanderveld

De aanleg van De Kuip in de jaren dertig is een prestatie zonder weerga geweest, net als de aanleg van Stadion De Meer in Amsterdam trouwens. De volksclub van Zuid bleek in staat een enorm stadion te bouwen, wat aan de andere kant van de rivier scheve ogen van afgunst veroorzaakte. Iemand die Rotterdam een beetje kent, weet hoe er daar tegen Zuid wordt aangekeken en dat was voor de oplevering van De Kuip nog erger.

In 1936, toen het stadion reeds was gebouwd, liepen enkele prominente leden van Feyenoord door hun nog lege onderkomen. Ze schoten daarbij vol: "Toen we zaterdagmiddag die enorme ijzer- en betonmassa van nabij aanschouwden, was het ons een ogenblik te machtig geworden. We dachten terug aan de dagen toen daar nog een troepje jongelui op het Afrikaanderplein achter een balletje holde, steeds in gevaar, door een politieagent betrapt te worden."

Machtig lichaam

"En nu zien we velen van diezelfde jongelui als vooraanstaande mannen in de voetbalwereld terug. Nu zien we daar dat kleine clubje gegroeid tot een machtig lichaam. Nu zien we daar een vereniging met een aantal leden, zo groot als geen enkele andere voetbalvereniging in ons land telt. Nu zien we daar dezelfde jongelui gevormd tot een bestuur, dat na jaren van ongekende strijd, van enorm doorzettingsvermogen, van groot beleid, in staat blijkt een wereldstadion te laten verrijzen."

Om dit stadion te realiseren had Feyenoord niet alleen moeten opboksen tegen de rest van Rotterdam, maar ook tegen de plaatselijke politiek. Dat het in 1937 toch lukte om hier de openingswedstrijd te spelen is daarom maatschappelijk van enorme betekenis geweest voor de betrokkenen. Rotterdam-Zuid hoeft geen monument meer te bouwen dat zijn emancipatie belichaamd, want het staat er al ruim zeventig jaar.

Geschiedenis is iets van vroeger

Tot nu toe zoek ik mijn argumenten wel heel erg ver in het verleden. Het probleem bij Feyenoord ligt alleen niet in de geschiedenis, maar vooral in de toekomst. Het verleden moet Feyenoord ook weer niet in de weg staan. Hierover sprak ik vorig jaar met de drie hoogleraren in de sport: historicus Theo Stevens, socioloog Maarten van Bottenburg en econoom Ruud Koning.

Van Bottenburg was vorig jaar verbaasd over de toekomstplannen voor De Kuip: “Is dat niet wat snel na de 120 miljoen euro kostende renovatie van begin jaren negentig?”

Wel zag hij het gevaar van Kuip-conservatisme, waarbij het verleden nieuwe ontwikkelingen tegenhoudt. “Je zou kunnen zeggen dat het ontstaan van De Kuip juist te danken is aan een vooruitziende blik, durf, lef, ondernemersgeest, enzovoort. Het anno 2005 per definitie onbespreekbaar maken van nieuwbouw op grond van de historische en culturele waarde van De Kuip gaat in tegen de geest die juist ten grondslag heeft gelegen aan de totstandkoming van dit stadion.

"Tegelijkertijd zijn we gewaarschuwd door de voorbeelden van nieuwe arena's, die mooi ogen en voldoen in de behoefte van sponsors, maar geen echte voetbalsfeer blijken te kennen. Wat er ook wordt besloten ten aanzien van verbouwing of nieuwbouw, het behoud van die unieke voetbalsfeer moet het uitgangspunt zijn, want die heeft De Kuip (en Feyenoord) groot gemaakt.”

“Daarnaast moeten opnieuw de eerder genoemde waarden centraal staan in het ontwerp, zodat het herkenbaar blijft als Feyenoord-stadion en geen tweede Arena wordt. Maar dat mag best in een 21-eeuws jasje", aldus Van Bottenburg.

Als u dacht dat ik hier een paar pagina’s lang het Feyenoord-bestuur ging uitschelden, zult u inmiddels wel teleurgesteld zijn. In dit stuk probeer ik juist mee te denken, omdat er echt iets moet gebeuren.

Ambitie en traditie

Tien jaar geleden was er een nationale campagne om het Olympisch Stadion te behouden voor sloop. Amsterdamse betonsocialisten wilden hier de sloophamer inzetten ten gunste van woningbouw. Monumentenzorg had het toen helaas net iets te druk met subsidies aanvragen en vergaderen om te pleiten voor behoud, maar door een publieksactie is dit toch gelukt.

Omdat ik hier nu werk, zie ik bijna dagelijks hoe mensen erop reageren om door het Olympisch Stadion te lopen: blij met het behoud en doorgaans enthousiast over de veranderingen. Sterker: Amsterdam begint langzaam te begrijpen dat het een olympische stad is.

Dit stadion is nu een instituut waar met kennis van het verleden wordt gewerkt aan een nieuwe toekomst. Ajax speelt er niet meer zijn grote wedstrijden, Oranje ook niet, de tweede ring voor het publiek is gesloopt en van baanrennen zal het er nooit meer komen.

Maar daartegenover zijn er nieuwe ontwikkelingen gaande in en rond het Olympisch Stadion. In een interne verantwoording omschreef ik dat als Ambitie en Traditie: met kennis en gebruik van het verleden werken aan nieuwe ambities voor de toekomst.

Lijkt me ook echt iets voor De Kuip. Met zoveel geschiedenis is de toekomst zoveel leuker.