Binnen de olympische beweging wordt op hoog niveau ruzie gemaakt. Niet tussen China en de rest, maar tussen Amerika en de rest. Niet over mensenrechten, maar over geld. Door Jurryt van de Vooren / Sportgeschiedenis.nl.

Chicago wordt gezien als favoriet voor de Olympische Spelen van 2016. Onterecht, want volgens tijdschrift Sport & Strategie wordt het IOC juist doodmoe van de Amerikanen. Want terwijl de gemiddelde sportliefhebber zich verheugt op de Spelen in Beijing woedt er al een enorme strijd wie in 2016 gastheer wordt.

Over een jaar zal het IOC besluiten of dat Chicago is, Madrid, Rio de Janeiro of Tokio. Uit de zogenaamde BidIndex blijkt dat Chicago momenteel de beste papieren heeft. Maar ook Tokio is nog lang niet kansloos, blijkt uit deze cijfers, die we kunnen lezen als een soort beursbericht voor potentiële olympische gastheren.

Of de NOS hier ook zijn toekomstplannen op baseert, is onbekend, maar de omroep gaat er in ieder geval al van uit dat het olympische circus over acht jaar in de Verenigde Staten staat. Dat bleek tijdens een persconferentie dinsdag in het Olympisch Stadion, waar de NOS vertelde hoe zij de Spelen deze zomer gaan verslaan. Tussen alle feiten door over de hoeveelheid internetkanalen en het aantal verslaggevers werd opgemerkt dat nu al wordt onderhandeld over de uitzendrechten van 2016. “Waar die Spelen dan zullen zijn, weten we niet”, aldus een spreker, “maar we gaan uit van Chicago.”

Ruzie op hoog niveau

Of dat zo is, moet nog blijken, want deze week is het nieuwe nummer van Sport & Strategie verschenen, waarin iets heel anders staat. Binnen het IOC wordt al jarenlang ruzie gemaakt tussen de Amerikanen en Europeanen, en dat kan grote consequenties hebben voor 2016. En het gaat, zoals altijd bij het IOC, over het grote geld. Zoals in Sport & Strategie staat: 'Zolang er geen nieuwe verdeelsleutel komt voor de marketing- en tv-gelden, zullen de Amerikanen de Spelen nooit krijgen.’

Ofwel: niet de Chinezen zijn de nieuwe vijand, maar de Amerikanen.

Het begon met de Olympische Spelen van 1984 in Los Angeles. Daar werd voor de eerste keer winst gemaakt, alhoewel de organisatie dat jaar bedroevend was. Dat laatste is inmiddels vergeten, maar die 225 miljoen dollar winst nog lang niet.

Opeens bleek dat er met de Olympische Spelen geld was te verdienen, wat heel langzaam doordrong tot het IOC. Daarvoor moesten constructies en verdeelsleutels worden verzonnen, waarbij de Amerikanen heel wat slagvaardiger waren dan de oude heren van het IOC. Het leverde het Olympisch Comité van de VS een enorm voordeel op, dat nu nog steeds bestaat.

Probleem

En daarmee zijn we de kern van het probleem. Het grootste deel van de olympische opbrengsten gaat nog steeds naar de Amerikanen. Binnenkort krijgen ze bijna 450 miljoen dollar op hun olympische rekening gestort en dat is meer dan alle andere landen bij elkaar opgeteld.

Of dit allemaal terecht is, is een vraag waar de gemiddelde sportliefhebber geen vat op zal krijgen. Maar met de toewijzing van de Spelen van 2016 in zicht kan dit belangenconflict wel eens heerlijk gaan escaleren en de olympische beweging verdelen.

Sport verbroedert, zegt het IOC. Eens kijken of dat leden van dit comité dat zelf ook kunnen.

Reageren kan hier.