Na Gregorius Nekschot en het weblog Hoeiboei mocht deze week GeenStijl op het politiebureau verschijnen. Hopelijk komt er dit keer snel een proces. Door Arjan Dasselaar

Is het baldadigheid, hoe GeenStijl het Openbaar Ministerie uitdaagt om over te gaan tot vervolging wegens vijftien vermeende "haatzaaiende" reacties van GeenStijl-bezoekers in 2006? Misschien. Het is hoe dan ook een goed idee.

Nederland heeft de neiging om zich te gedragen alsof wij het enige land zijn met moeilijke juridische dilemma's. Maar ook elders zijn er harde botsingen geweest tussen burgers en overheid om de vrijheid van meningsuiting. Vaak heeft een gang naar de rechter daar voor verduidelijking gezorgd.

Harde porno

Zo voerde de Amerikaanse staat Ohio in de tweede helft van de twintigste eeuw op Hirsch Ballin-achtige wijze actie tegen onderdanen die hun grondwettelijk vastgelegde vrijheden ook daadwerkelijk gebruikten.

Het was ondermeer raak in 1964. Ohio vond de Franse film 'The Lovers' pornografisch en meende dat deze verboden moest worden. Rechter Potter Stewart zag dat anders en deed de beruchte uitspraak: 'Het is moeilijk om te definiëren wat harde porno precies is, maar ik zal het zeker herkennen als ik het zie - en deze film is het niet.'

Tijd voor wraak

Veel interessanter voor de kwestie GeenStijl is de zaak Brandenburg v. Ohio. Het Ku Klux Klan-lid Clarence Brandenburg had uitspraken gedaan waar zelfs de meest rabiate GeenStijl-reaguurder van zou schrikken.

Zo stelde Brandenburg: 'Als de president, het Congres, het Hooggerechtshof doorgaan met het onderdrukken van het witte ras is het wellicht tijd voor wraak. Op Onafhankelijkheidsdag marcheren we met 400.000 mensen naar het Congres.' De staat Ohio kon ondermeer deze uitspraak niet waarderen en vervolgde Brandenburg.

Geweld propageren mag

Dreigend? Ja. Strafbaar? Nee. Het Amerikaanse Hooggerechtshof besloot, in haar wijsheid, dat schermen met racistisch geweld pas serieus kan worden genomen als er sprake is van 'clear and present danger'. Behalve voor een matige film met Harrison Ford staat dat voor een 'acuut gevaar'.

Met andere woorden: als Brandenburg had gezegd: 'We verzamelen komende zondag om twee uur voor het huis van Dasselaar en dan zullen we hem eens even te grazen nemen. Hier heb je alvast een fles wasbenzine,' was hij vermoedelijk veroordeeld. Maar de staat heeft de plicht om in te calculeren dat blaffende burgers meestal niet bijten. Zeker bij grondrechten, de meest fundamentele bescherming van de burger tegen de staat.

Gelijkelijk afzeiken

Maar hoe zit het dan met dat andere grondrecht: het recht om niet gediscrimineerd te worden? Artikel 1 van onze grondwet zegt immers dat mensen in gelijke gevallen gelijk behandeld moeten worden. Echter: op GeenStijl wordt eenieder, ongeacht huidskleur, seksuele voorkeur of politieke affiliatie, met evenveel fanatisme afgezeken. Ja, ook een WASP als ik. Als dat geen gelijkheid is.

Zo bezien valt het ook moeilijk te begrijpen waarom GeenStijl nu pas is aangepakt voor 15 reacties uit 2006. 'Clear and present danger'? Mwoah.

Subiet afstraffen

In een tijd van lik op stuk-beleid, trajectcontroles, identificatieplicht, kentekenregistratie bij betaald parkeren, cameratoezicht en massale fouilleeracties in uitgaanscentra - kortom, in een tijd dat de overheid er alles aan doet om overtredingen van burgers binnen luttele secondes te kunnen opmerken én afstraffen, lijkt het me onwaarschijnlijk dat het Openbaar Ministerie echt wakker ligt van 15 over het hoofd geziene reacties van twee jaar oud.

Het heeft het er eerder schijn van dat justitie-minister Ernst Hirsch Ballin een leuk plankje dossiers heeft laten verzamelen om te gebruiken op een gunstig moment. Begin mei kondigde Hirsch Ballin aan het wettelijk verbod op godslastering te willen verruimen. Daarna werden achtereenvolgens Gregorius Nekschot, weblog HoeiBoei en nu GeenStijl met de politie geconfronteerd.

Goed, dat kan natuurlijk allemaal toeval zijn. Of, in termen die Hirsch Ballin begrijpt, goddelijke voorzienigheid.

Arjan Dasselaar