Huub Stevens vindt dat alle spelers bij PSV Nederlands moeten spreken. Stel je eens een elftal voor waar iedereen Cruijffiaans spreekt. Is dat dan ook Nederlands? Door Jurryt van de Vooren / Sportgeschiedenis.nl.

Ronald Waterreus stond tot 2004 in het goal van PSV. Naast de vele hoogtepunten kende die club ook een periode waarin nogal zwak werd gespeeld met het ene tegendoelpunt na het andere.

In die slechte tijd werd Waterreus namelijk gesteund door een verdediging, die vanuit de hele wereld was ingevlogen. Omdat deze spelers allemaal een verschillende taal spraken, hing de laatste linie aan elkaar als geitenkaas - om het eens in het Cruijffiaans te zeggen.

”Los!”

Waterreus werd er soms wanhopig van: “Als ik Los! roep, snappen mijn verdedigers niet wat ik daarmee bedoel.” Want de ene sprak Spaans, de andere Deens en de laatste moest nog steeds voor de eerste keer mama zeggen. Daarom begrepen de voetballers elkaar niet en werd de ene fout na de andere gemaakt.

Bij datzelfde PSV is Huub Stevens volgend jaar de nieuwe trainer. Om deze taalprobleem te voorkomen, wil hij dat alle PSV-ers Nederlands spreken op het veld. “Voor spelers is het makkelijker om te integreren in het team, en dan heb ik het ook over zaken buiten het veld, als je de taal spreekt.”

Deze kwestie is nu opgepakt door taalkundige Frank Jansen. Naar aanleiding van het besluit van Stevens vraagt hij zich af of het wel zo wenselijk is als alle voetballers van Nederlandse profclubs de Nederlandse taal moeten spreken. Modern als onze tijden zijn, kan iedereen zich hiermee bemoeien. Dat moesten we dan maar eens gaan doen.

Nederlands Elftal

Genoemde kwestie is niet zo urgent voor het Nederlands Elftal, omdat we ervan uit mogen gaan dat onze internationals allemaal de Nederlandse taal spreken.

Of ze ook in staat zijn iets zinnigs te schrijven - en vooral foutloos - is hierbij niet van belang, omdat spelers als Van der Sar, Sneijder en Van Persie tijdens een wedstrijd hun mededelingen, wensen en scheldkanonnades mondeling zullen overbrengen.

Er is nog nooit een voetballer geweest, die in een brief aan zijn medespelers schreef dat hij nu al tien minuten vrij staat. En er zal ook nooit een opgefokte voetballer komen, die in een sms aan de scheidsrechter zijn beklag doet over die onterechte strafschop van zojuist, en daaraan toevoegt dat de scheids eens zijn ogen moet uitspuiten.

Taalopstand

Bondscoach Marco van Basten zal de komende weken ongetwijfeld veel zorgen aan zijn kop hebben, maar we kunnen ons troosten met de gedachte dat hij geen gezeur krijgt over taalverschillen in zijn team.

Dat komt wel na dit EK, als hij bij Ajax de nieuwe trainer wordt. Bij deze club spreken de voetballers tenslotte wel alle talen en dialecten van deze wereld en daarom is het interessant om te weten of hij, net als Stevens, vindt dat iedereen bij Ajax Nederlands moet spreken.

Ik denk het wel, gezien het conflict met Zijne Koninklijke Cruijffheid enkele maanden geleden. Naar buiten toe wordt dit vooral als een inhoudelijk meningsverschil verkocht, als een voetbaltechnisch probleem, maar Van Basten kan toch moeilijk van zijn spelers verlangen foutloos Nederlands te spreken als Cruijff de hele dag zijn onbegrijpelijke taal op de club loslaat.

Binnen een week zou er een taalopstand uitbreken bij de club: “Mienheer Van Basten. Ik nu spreken Nederlands goed, maar mienheer Kroejjf dingen zegt die ik begrijp niet. Hij Nederlands ook spreekt moeten!”

Van Basten voelde al aankomen dat hij zijn spelers dan gelijk moest geven en greep op tijd in. “Johan, je begint meteen met een inburgeringscursus en laat me binnen een maand zien dat je bent geslaagd. Zo niet, dan sodemieter je maar op.”

Omdat Cruijff nog nooit van zijn leven een diploma heeft hoeven halen, haakte hij meteen af en verliet dus de club.

Stoned en dronken

Van Basten heeft daarom gelijk dat hij Cruijff de Nederlandse taal wilde bijbrengen, want ook ik snap er normaal gesproken helemaal niets van. Daarom ben ik het liefst dronken en stoned tegelijk als ik naar Zijne Koninklijke Cruijffheid luister, want dan begrijp ik tenminste waarom ik hem niet begrijp - om het eens in het Cruijffiaans te zeggen.

Welke taal een voetbalelftal ook spreekt, maakt eigenlijk niet uit. Zolang het maar geen Cruijffiaans is, want er is op deze wereld maar één persoon, die dat spreekt en begrijpt. En een elftal met één speler die zichzelf begrijpt wint nu eenmaal minder wedstrijden dan een elftal met elf spelers, die elkaar niet begrijpen.

Reageren kan hier.