Rita Verdonk belangrijker voor het Nederland-gevoel dan de voetballers van Oranje? Nog zo’n onderzoek en ik koop een tank. Door Jurryt van de Vooren / Sportgeschiedenis.nl

“Willem van Hanegem is de populairste sportheld van Nederland,” zei Matty Verkamman afgelopen maandag. Enkele seconden daarvoor had Verkamman de Nico Scheepmaker Beker voor het beste sportboek van het jaar gewonnen met een biografie over het leven van De Kromme. Verkamman gaf zijn statement zelfs wat extra kracht: “Van Hanegem is veel populairder dan Johan Cruijff.”

Als we heel simpel de verkoopcijfers bekijken, heeft Verkamman gelijk. Van het boek over Van Hanegem zijn in enkele maanden ruim 22.000 exemplaren verkocht – gigantische cijfers voor een Nederlandstalig sportboek van zestig euro per stuk. De biografie over Cruijff, die vorig jaar ook door Verkamman werd uitgegeven, had aanzienlijk lagere verkoopcijfers.

Het is een te makkelijke manier van vergelijken, maar Verkamman had zeker een punt. Van Hanegem is een Nederlandse sporter, die enorm wordt bewonderd. Hoeveel procenten méér of minder dan iemand als Cruijff doet er eigenlijk niet toe, want hoe dan ook hebben onze voetballers een enorme invloed op het humeur van ons land. Zo bedacht ik me weer eens na een uiterst dubieus bericht deze week.

Het Nederland-gevoel

Twee dagen na de uitspraken van Verkamman kwam Een Vandaag namelijk met de resultaten van een onderzoekje naar het Nederland-gevoel - whatever that may be wat dat ook mag zijn. Hierin werd onder meer gevraagd naar bekende Nederlanders, die het meest in verband wordt gebracht met dat nationale gevoel.

Op de eerste plaats staat de koningin, daarna Willem-Alexander en op de derde plek Erica Terpstra. Dat snap ik allemaal, maar daarna loopt deze lijst helemaal uit de hand. Nota bene Rita Verdonk staat ruim voor Cruijff. En Van Hanegem komt helemaal niet voor in deze lijst!

Daardoor snapte ik meteen dat er óf van dit onderzoek helemaal niets klopt óf dat er van de Gemiddelde Nederlander helemaal niets klopt. Heel eerlijk gezegd denk ik aan een combinatie van die twee.

Het Oranje-gevoel

We zitten nu enkele weken voor aanvang van het EK Voetbal, het hoogte- of dieptepunt van ons nationale gevoel. Als er wordt gewonnen, zijn we blij en als er wordt verloren, hebben we er de pest in. En dat laatste kan heel ver gaan, weten we sinds 2001.

In dat jaar was Colin Budd de Britse ambassadeur in Nederland. Precies in die tijd daalde over ons land een negatieve stemming, waarover Budd in december 2001 een officieel rapport aan zijn regering schreef. David Winner haalde dit aan in het boek Brilliant Orange.

Volgens Budd waren er in Nederland twee dingen tegelijkertijd aan de hand: een politieke crisis aan het einde van de periode van Wim Kok én de uitschakeling van Oranje voor het WK Voetbal van 2002. Deze twee gebeurtenissen werden door de ambassadeur in dat rapport aan elkaar gekoppeld. Daarom schreef hij aan Londen:

‘De Nederlanders waren eraan gewend geraakt dat alles in hun land functioneerde. Omdat hun economie zich zo goed ontwikkelde, waren ze blind geworden voor sommige van hun tekortkomingen. In 2001 raakte ze opeens bezorgd over de problemen met hun spoorwegen, scholen en ziekenhuizen, over hun falen om de enorme kosten te verminderen voor hun sociale voorzieningen, over de mond-en-klauwzeer, over toenemende maatschappelijke problemen, over het gedrag van immigranten, en – heel belangrijk – over het nationale elftal dat zich niet wist te plaatsen voor het WK Voetbal.’

Als voetbal zo belangrijk is voor het nationale sentiment vinden we er opvallend weinig van terug in dat vreemde onderzoek van Een Vandaag. Mensen als Willem van Hanegem zorgen voor een Oranje-gevoel en dat is toch hetzelfde als het Nederland-gevoel.

Van Zeeuwsen bloed

Daarom een liedje tot slot:

Wilhelmus van Hanegem

Ben ik van Zeeuwsen bloed

Mijn elftal getrouwe

Blijf ik tot in den doed

Een speler van Oranje

Ben ik, vrij onverveerd

Het voetbal van Oranje

Heb ik altijd geëerd.

Reageren hier.