Laat onze sporters met rust

En wéér moeten sporters opdraven voor een politiek probleem – nu voor de Tweede Kamer. Laat onze olympiërs toch eens met rust. Door Jurryt van de Vooren / Sportgeschiedenis.nl.

Nooit geweten dat Pieter van den Hoogenband een bokser was. Al dan niet bewust heeft de olympische zwemkampioen met twee enorme klappen het Internationaal Olympisch Comité op punten verslagen. De eerste dreun werd eind 2006 uitgedeeld, en de tweede klap volgde deze week. Hierdoor heeft VdH pijnlijk duidelijk gemaakt wat er op dit ogenblik niet klopt bij de olympische wereldleiders.

Sport en commercie

Het begon allemaal anderhalf jaar geleden, toen het IOC besloot om de olympische zwemfinales in Beijing ’s ochtends af te werken in plaats van in de gebruikelijke avonduren. Zo kunnen die wedstrijden op prime-time worden uitgezonden op de Amerikaanse tv – goed voor enorme bedragen voor de uitzendrechten. Daarmee zijn de commerciële belangen belangrijker dan de sportieve belangen.

Het voordeel van de avonduren heeft Van den Hoogenband in een persoonlijk gesprek met IOC-voorzitter Jacques Rogge nog eens extra benadrukt. Hij vertelde de Belg toen ook dat het zelfs wetenschappelijk is aangetoond dat zwemmen in de avonduren beter is dan ’s ochtends. Maar het maakte allemaal niets meer uit.

Met andere woorden: volgens het IOC zijn sport en commercie niet van elkaar te scheiden. Als dat namelijk wél het geval is, worden in Beijing de zwemfinales in de avonduren gezwommen - klaar.

Sport en politiek

Deze week was het opnieuw raak toen de zwemmer in De Telegraaf schreef over het debat over de mensenrechten in China. “Ik moet eerlijk zeggen dat ik ook worstel met de informatie die vanuit de Chinese samenleving op ons af komt. Sinds mijn coach Jacco Verhaeren anderhalve week geleden zijn gefundeerde mening naar buiten heeft gebracht, wordt er binnen onze trainingsgroep nog meer over gesproken dan voorheen."

Van den Hoogenband deed daarom een oproep aan Rogge: “Als pater familias van de olympische beweging is hij in mijn ogen de aangewezen man om alle sporters ter wereld een stem te geven. Ik ben zo vrij hem vanaf deze plek op te roepen om zijn verantwoordelijkheid als hoogte baas van de internationale sportwereld te nemen en zich ten overstaan van de gehele wereld namens alle olympische atleten ter wereld publiekelijk uit te spreken voor verbetering van de situatie van de mensenrechten in China. Hij kan daarbij rekenen op mijn volledige steun en sympathie.

Op deze manier kunnen de sporters verwijzen naar de stelling van het IOC, wanneer hen om een mening in deze heikele kwestie wordt gevraagd. Daarmee voorkom je dat atleten zichzelf in diskrediet brengen doordat ze ongefundeerde (en daarmee politiek gevoelige) uitspraken doen en zich daarmee in de nesten werken." Aldus Van den Hoogenband.

Rust aan de kop

Wat verder prettig zou zijn, is dat de sporters niet constant worden afgeleid van hun doel om te presteren op de Spelen. De Tweede Kamer heeft bijvoorbeeld besloten een hoorzitting te houden over de mensenrechten in China. Ook sporters wordt gevraagd hieraan een bijdrage te leveren. Daarover schreef Van den Hoogenband deze week treffend: “We worden ongevraagd meegezogen in een discussie die buiten ons om gevoerd moet worden."

Ondanks deze wijze woorden van onze beste zwemmer heeft het IOC geweigerd enige verantwoordelijkheid te nemen. In plaats daarvan kwam het niet verder dan de opmerking dat de Olympische Spelen een positieve impact hebben op China. Vanzelfsprekend werden hierbij geen argumenten aangevoerd, maar dat hoeven sommige mensen blijkbaar niet. Die staan boven de wet, boven alles en iedereen. Die hoeven aan niemand verantwoording af te leggen, die staan dichter bij God dan wij.

Knock-out

Deze samenloop van omstandigheden rond Van den Hoogenband voert ons naar de kern van het probleem van de olympische wereldleiders. Het IOC zegt keer op keer dat sport en politiek van elkaar zijn gescheiden en dat het ontoelaatbaar is als het programma van de Olympische Spelen wordt beïnvloed door politieke krachten. Sport is hier autonoom.

Maar toen Van den Hoogenband protesteerde tegen de commerciële krachten, die invloed uitoefenden op het programma van de Olympische Spelen negeerde het IOC deze klacht opeens. Dan is sport opeens niet meer autonoom.

En het is deze olympische tegenstelling, die door Van den Hoogenband genadeloos is blootgelegd. Hij heeft daarmee zijn werk gedaan en moet nu doen waar hij goed in is: zo snel mogelijk zwemmen. Laat hem dus verder met rust.

Reageren?

Tip de redactie