De Tilburgse pastoor Schilder mag de klokken weer luiden voor de ochtendmis van kwart over zeven. Omwonenden hadden geklaagd over de ongewenste geluidsoverlast. Vroeger was klokgelui juist onmisbaar voor de samenleving. Door Anno.

De oudste nog werkende Europese kerkklok stamt uit 1309 en hangt in de St. Pieter en Pauluskerk in het Vlaamse Pulle, ten noordoosten van Antwerpen. Monniken begonnen in die tijd met klokkenluiden om de gebedstijden aan te geven.

De omwonenden van de kerken en kloosters gebruikten het klokgelui al gauw voor hun eigen doeleinden. Heel weinig mensen hadden een eigen uurwerk, maar nu konden ze toch afspraken maken over het tijdstip van bijvoorbeeld markten en rechtszittingen. Zo werden de kerkklokken voor veel mensen onmisbaar. Vanaf de achttiende eeuw werd dit minder, omdat steeds meer mensen zelf een klok of horloge konden aanschaffen. Maar het klokgelui ging in christelijk Nederland gewoon door.

Wapens

Toen in 1942 en 1943 de Duitse bezetter 6700 Nederlandse kerkklokken verwijderde om ze om te smelten tot wapens, was het verzet groot. In verschillende plaatsen werden de kabels om de klokken omlaag te takelen doorgesneden. De carillons van Middelstum en Zaltbommel werden verstopt, evenals de klokken van Epe. Toen deze laatste na Duitse bedreigingen werden teruggebracht, was er wel een opschrift toegevoegd: 'Hij die met klokken schiet, die wint de oorlog niet.'

In de leeggeroofde torens werden gietijzeren kookpotten en oude stoomketels opgehangen. Slikkerveen hing zelfs een oude spoorwagenas op die zo helder klonk dat de Duitsers dachten dat er nog een echte klok in de toren hing. Na de oorlog had iedere toren binnen tien jaar weer een goed stel luidklokken. Het idee dat klokken geluidsoverlast geven, leefde blijkbaar nog niet.

De column Anno NU geeft wekelijks een stukje geschiedenis bij het nieuws. Reageren? Ga naar www.anno.nl.