De Nijmeegse PvdA-wethouder Paul Depla liet zien hoe het moet. In het debat over zijn vermeende seksuele escapade met een VVD-raadslid, in het fietsenhok van het stadhuis, weigerde Depla iedere inhoudelijke reactie. Zijn opstelling was begrijpelijk, juist en politiek verstandig, maar het achterliggende probleem blijft. Door Remy Chavannes.

Het raadsdebat leek een ordinaire piepshow te gaan worden. Journalisten vochten om plek en dorstten naar nieuwe - het liefst fysieke - details. Als gefrustreerde voyeurs dropen zij af, de direct betrokkenen hielden de kaken stijf op elkaar.

Publicatiedruk

De fietsenhokaffaire zegt misschien iets over het niveau van de Nijmeegse gemeentepolitiek, maar nog meer over normverwarring in de media. Weg is de nette oude regel dat het privé-handelen van publieke figuren geen nieuws is tenzij het door hypocrisie of strafbaarheid een politieke dimensie krijgt. Hoe pijnlijker en intiemer de onthulling, hoe gretiger die aftrek vindt.

Het publiek dat zijn respect voor politici is kwijtgeraakt, is ook niet meer onder de indruk van hun aanspraak op een privéleven - en eist van de nieuwsmedia dat zij daar de gevolgen uit trekken.

Als de 'officiële' media er niet over schrijven, dan doet een weblog het wel. Als Geenstijl.nl erover schrijft, staan achtereenvolgens Privé, Telegraaf en Volkskrant onder toenemende druk om dat ook te doen.

Politieke feit

Een roddelsite of -blad kan de beelden of verhalen onvervalst brengen als sensatie op zich, zonder zich te generen voor de escapistische nieuwsgierigheid van het lezerspubliek. De 'nettere' media proberen de kool en de geit te sparen door eerst niet te berichten over de daad zelf maar vervolgens wel over het feit dat betrokkene als gevolg daarvan 'in opspraak' is geraakt.

Oftewel: we vinden het antwoord op de vraag of wethouder Depla nu wel of niet in een publiekelijke ruimte is bevredigd door een oppositieraadslid eigenlijk privé en dus geen nieuws, maar we berichten u natuurlijk wel over het politieke feit dat de gemeenteraad erover debatteert. Een vrij onmogelijke spagaat.

De democratisch gekozen Nijmeegse gemeenteraad mag natuurlijk zijn eigen vergaderagenda bepalen. Maar hoe ver mogen de media gaan in het publiceren over het seksleven van politici?

Bij dit soort zaken gaat het in juridische zin om een afweging tussen, enerzijds, het recht op privacy en, anderzijds, het recht op vrijheid van meningsuiting, meer in het bijzonder de 'waakhondfunctie' van de media in een democratische samenleving om misstanden aan de kaak te stellen.

Volgens de Hoge Raad en het Europese mensenrechtenhof gaat het om twee op zich gelijkwaardige belangen. Per individueel geval moeten de media - en uiteindelijk de rechter - een afweging maken om te bepalen of een bepaalde privacyschendende publicatie toelaatbaar is.

Daarbij gaat het niet alleen om de juistheid van de gestelde feiten, maar ook om de schadelijkheid van de publicatie voor de betrokkene en de mate waarin de publicatie een bijdrage levert aan het maatschappelijke debat. De nieuwsgierigheid van de lezer rechtvaardigt op zichzelf niet een privacyschendende publicatie, aldus het Europese hof.

Onvoorspelbaar

Media, mediaslachtoffers en rechters worstelen allemaal met de toepassing van deze regels in een tijdperk waarin de traditionele media hun greep op het publieke debat kwijt zijn en de grens tussen journalisten en schrijvende burgers steeds moeilijker te trekken is. Gelden deze regels alleen voor 'journalisten' en, zo ja, wie is dan eigenlijk journalist en wie niet?

De vaagheid van de afwegingscriteria is daarbij zowel een voordeel als een nadeel. Het geeft de flexibiliteit om rekening te houden met wijzigingen in techniek en maatschappelijke opvattingen over privacy en vrije meningsuiting.

Daar staat tegenover dat de uitkomst van de belangenafweging in hoge mate onvoorspelbaar is geworden, omdat iedere 'journalist', ieder 'slachtoffer' en iedere rechter steeds opnieuw het wiel moet uitvinden.

Het afwegingsprobleem is bovendien dynamisch: een verhaal dat gisteren een onvoldoende bijdrage leverde aan het publieke debat om de privacyschending te rechtvaardigen, kan dat morgen door gewijzigde omstandigheden misschien wel doen. Door een bepaald detail weg te laten - of juist beter te onderbouwen - wordt een onrechtmatige publicatie alsnog publicabel.

Naaktrecreatiegebied

Je kunt je afvragen of de Nijmeegse gemeenteraad de reputatie van de eigen stad niet heeft bezoedeld met een onnodig debat over een ranzige privékwestie. Je kunt ook zeggen dat Depla zijn stad had moeten beschermen door openheid van zaken te geven of op te stappen.

Maakt het uit of het verhaal op zich waar is? Gemeenteraadslid Janssen van Gewoon Nijmegen, door velen genoemd als de 'klokkenluider' die de geruchten over de hele affaire naar buiten bracht, voerde tijdens het debat aan dat er sprake zou zijn gewest van strafbare schennis van de eerbaarheid, nu de fietsenstalling niet bij beschikking was aangewezen als naaktrecreatiegebied. Het verhaal vertelt niet welke wethouder dat onderwerp in zijn of haar portefeuille heeft.

Geenstijl.nl publiceerde ondertussen de onthulling dat het 'lek' niet kwam van het onafhankelijke gemeenteraadslid Janssen, maar uit de kring van Depla's eigen PvdA. Waar of niet, in Nijmegen blijft het nog wel even onrustig.