Wat ik heb geleerd van Bart de Graaff? Dat humor in je nieren zit. Dat moet wel, want Bart had het niet. Andere mensen denken daar weer heel anders over. Door Nico Dijkshoorn.

Ik hoor nu al weken lang oud-collega´s ontroerd vertellen over die grote kleine man. Wat een talent, wat een spirit, wat een vrije geest, wat had die man de lach aan zijn naar binnen gevouwen scharrereet hangen. Ja, Bart was een trendsetter.

Dat is wel waar. Als er één iemand is geweest die door had dat je je handicap kunt exploiteren dan was het Bart wel. Hij heeft er zelfs zijn televisie debuut aan te danken. Hij was een Heel Eng Mannetje in een koekjesreclame. Daar zat alles al in wat Bart later zo groot zou maken.

In die paar seconden reclame wist hij de kijker in angstige verwondering achter te laten. Wie was deze ingedroogde koek etende peulvrucht waar ze net naar hadden zitten te kijken? Een en al geschmier was het. Een freakshow in het reclameblok. Met wijd opengesperde ogen legde hij uit hoe je met een eenvoudige list niet één maar twee koekjes kon scoren. Later zou hij dit ook met vrouwen proberen.

Dwergwerpen

Wat er kort na die reclame met Bart is gebeurd weet ik niet. Misschien dat ze nog professioneel met hem hebben geworpen bij de Open Nederlandse Kampioenschappen Dwergwerpen. Zal hij vlak voor de landing ongetwijfeld een leuke bek hebben getrokken naar het publiek. Want Bart was een bekkentrekker. Daar leefde hij voor, met die rare kanis van hem de mensen heerlijk laten griezelen.

Geeft niet. Mooi zelfs. Dat was zijn talent. Over straat banjeren met een steen in zijn hand en steeds guitig omhoog loeren. Steen ergens naar binnen flikkeren en dan stond hij alweer te glimmen. Hij had iets stouts gedaan. Gekke Bartje. Wat zouden ze de volgende dag weer om hem moeten lachen, op het kantoor van BNN.

Eng

Dat is ook meteen, kort samengevat, zijn carrière. Bart was eng, Bart deed raar, Bart kwam er mee weg. Hahaha. Hij maakte zijn ziekte ten gelde. Was hij ook heel eerlijk in. Het verzandde vaak in ongemakkelijk narcisme, bijvoorbeeld vlak na het implanteren van een donornier. Zat Bart opeens in verschillende talkshows te vertellen dat hij weer kon plassen.

We mochten alles zien. Beelden van Bart in het ziekenhuis met slangen uit zijn neus. Familieleden naast zijn bed. De camera er op. Ik denk eigenlijk dat Bart het liefst levend was begraven, met een camera in zijn kist. Hij zou er prachtige televisie van hebben gemaakt. Geen lulpraatjes, geen wollig gedoe. Het ging allemaal om Bart en dat hij zoveel mogelijk met zijn smoel op de televisie was.

Problematiek

Daarom werkt het verweer van de BNN directeur, als hij de Grote Donor Show verdedigt, een beetje op mijn lachspieren. Ja, BNN dient hier een groter doel. Hij geeft het grif toe, het is smakeloos, maar ze zetten wel de hele problematiek op de kaart. Het wordt een prachtig programma. Eerst hadden de deelnemers geen enkele kans op een leven, nu, door BNN, opeens 33,3 %. Verwerpelijk, helaas, hij weet het, maar het is uiteindelijk allemaal om die ene nierpatiënt gelukkig te maken. Dat er via sms´jes wordt beslist wie dat wordt, ja, dat is de moderne tijd.

Als je het leest zou je je nier bijna zelf met je handen uit je eigen lijf willen trekken. Aan het eind van de show, gepresenteerd door Mr. Ongeneselijk zelf, Patrick Lodiers, weet je gewoon niet meer wat je het liefst zou hebben, kanker of een nierziekte. Ik verwacht veel emotie, veel geslijm en veel gedraai.

Scoren

En dát is nu juist heel erg niet Bart. Hij zou direct hebben toegegeven dat het hem geen ruk kon schelen of die mensen langer leefden of niet. Scoren, veelbesproken zijn, iets nieuws in de markt zetten, geforceerd grenzen opzoeken en geld verdienen met formats, that´s the name of the game. Bart zelf zou denk ik in het eerste shot van de show een niertje hebben opgebakken, guitig in de camera hebben gekeken en 'oeppss' hebben geroepen.