Netneutraliteit: voor onze kinderen!

De jeugd is altijd het slachtoffer. Is het niet van een laf misdrijf, dan wel van goedwillende idealisten die onze bezorgdheid misbruiken om hun eigen politieke doelen te realiseren. Door Arjan Dasselaar

Ik heb geen kinderen, maar wel een kat: een bekend nageslacht-substituut voor vrijgezellen.

Toen dat beestje ooit werd aangereden, was ik verdrietiger dan een Griekse parlementariër tijdens een cursus boekhouden.

Maar een kat is geen mens, en al helemaal geen nageslacht. Mensen zitten volgepropt met biologische schakelaartjes die aanhankelijke gevoelens voor hun kroost aanmoedigen. Ik kan dus alleen maar raden hoe waardeloos je je moet voelen als niet je kat, maar je kind wat overkomt.

Misbruik van emotie

Veel heftiger dan voor kinderen worden onze emoties niet. Zit u, zoals de meeste mensen, geestelijk gezond in elkaar, dan kent u geen grotere gevoelens van walging en onbegrip dan die voor een volwassene die een kind wat aandoet.

Dat maakt kinderliefde een emotie om met respect te benaderen. Helaas doet niet iedereen dat. Net als andere heftige menselijke gevoelens, zoals betrokkenheid bij ‘de eigen’ groep, wordt dit op zichzelf nobele gevoel geëxploiteerd door berekenende soortgenoten.

Minderwaardig mens

Zo doen politici vaak een beroep op groepsloyaliteit als ze een oorlog willen beginnen. Al noemen ze het dan patriottisme. En zo doen diezelfde politici regelmatig een beroep op onze kinderliefde, als ze er weer eens censuurmaatregelen door willen drukken.

De onuitgesproken beschuldiging is in beide gevallen hetzelfde: u bent een minderwaardig mens als u het niet met hun voorstel eens bent.

Verrader of kinderhater

In het geval van een oorlogshitsende regeringsleider worden tegenstanders impliciet uitgemaakt voor verrader, in het geval van een censurerende politicus krijgen ze een subtiele beschuldiging van kinderhater in de schoenen geschoven.

Hoewel, subtiel? In Groot-Brittannië liet een Conservatief parlementslid weten dat critici van haar plannen om internet preventief te censureren, maar ‘bij zinnen moesten komen’.

Nederlandse netneutraliteit

Maar we hoeven het Kanaal niet over. Neem de Eerste Kamer, waar de afgelopen week de Nederlandse netneutraliteit werd beklonken. Die wet regelt dat internetaanbieders niet voor tolbaas mogen gaan spelen door uitgeklede toegang aan te bieden.

Een wet om trots op te zijn: Nederland is pas het tweede land in de wereld, na Chili, dat deze dappere stap zet. En toch werd op het laatste moment nog even geprobeerd om de wet van een achterdeurtje te voorzien.

Gratis filtersoftware

Een achterdeurtje ten bate van – wie anders – ‘de kinderen’. Kijk zelf in de tekst van de motie: omwille van onder meer ‘pedagogische’ redenen moest en zou de wet op netneutraliteit worden aangepast.

Alsof een ouder zelf geen filtersoftware op de eigen computer kan installeren als hij dat wil. Alsof het meer dan drie seconden kost om te googlen naar censuurmeuk waarmee je elke pc kunt ombouwen tot een apparaat dat voldoet aan de in de 9e eeuw voor Christus gangbare zeden.

Slimme Verhagen en Sargentini

Wijze politici, zoals Maxime Verhagen of Judith Sargentini, laten het betuttelen over aan de gezaghebbers die daar (ook volgens de bijbel) over gaan: de ouders.

Hoe minder mogelijkheden overheden hebben om zich te bemoeien met zaken die we zelf prima kunnen regelen, hoe kleiner de verleiding bij bewindslieden om vanwege ‘ons bestwil’ onze vrijheid in te perken.

Ik ben Verhagen en Sargentini dus dankbaar voor hun beheersing. Namens mezelf – en namens onze kinderen.

Lees meer over:
Tip de redactie