Ministers die anno 2011 onvoldoende verstand hebben van mobiele telefoons om hun PIN-code te wijzigen, zijn per definitie niet geschikt voor hun vak. Door Arjan Dasselaar.

Mag je van een minister verwachten dat deze weet hoe hij of zij met uitgebreid bestek volgens de regelen der etiquette een staatsdiner kan wegwerken zonder daarbij een faux pas te begaan waarvan Amy Groskamp-Ten Have met de snelheid van een Lynx-helikopter in haar graf zou rondspinnen?

Ik zou denken van wel. Bij een belangrijke functie – zoals medebestuurder van de BV Nederland – hoort dat je bepaalde dingen weet. Zoals voldoende begrip van het belang van goede manieren als je van doen hebt met snobistische hotemetoten uit allerlei verschillende culturen.

Staatsgeheimen

Mag je van een minister vervolgens verwachten dat hij of zij zorgvuldig met staatsgeheimen omgaat? Opnieuw zou ik denken van wel. Iemand die bekend staat als een chronische flapuit zal om die reden nooit geselecteerd worden voor zo’n functie, ook al heeft z/hij een IQ van 238 en zes Nobelprijzen.

Naar bewindslieden wordt geen veiligheidsonderzoek gedaan, en dat maakt het des te belangrijker dat zo’n bestuurder uit zichzelf verantwoord veiligheidsgedrag vertoont. Als minister Hans Hillen zijn auto niet op slot zou doen terwijl op de achterbank zijn tas blijft liggen, zou de premier daar vermoedelijk niet blij mee zijn.

Maar zoals wel vaker geldt ook hier: incompetentie die nooit geaccepteerd zou worden in de analoge wereld, blijkt opeens volstrekt acceptabel als er digitale techniek bij komt kijken. Afgelopen week werd duidelijk dat het mogelijk was om de voicemailberichten van een aantal bewindslieden af te luisteren.

Simpel klusje

Waren de bewindslieden vergeten een enorm ingewikkelde beveiliging te activeren? Nee. Digitale techniek is soms moeilijk en het instellen van bijvoorbeeld een firewall kan een enorme klus zijn. Maar in dit geval hadden de bewindslieden alleen maar even hun standaard pincode moeten vervangen. Een klein, simpel klusje. Ongeveer net zoiets als je auto op slot doen.

Natuurlijk, u bent misschien gewend aan het op slot doen van uw auto, maar niet aan het wijzigingen van uw voicemailinstellingen. Maar dat is voor bewindslieden geen uitvlucht. Het hoort bij hun werk om met vertrouwelijke informatie om te gaan, en dus mag er van hen meer worden verwacht dan van de doorsnee Nederlander.

Op zijn minst hadden ze bij het ontvangen van de telefoon aan hun ambtenaren de vraag moeten stellen: is dit ding standaard veilig? Het antwoord (‘nee’) was bij overheidsdienst Govcert bekend.

Verwijten aan Vodafone

Telecomaanbieder Vodafone kun je dus van alles verwijten - moreel opportunisme bijvoorbeeld - maar niet dat ze de staatsveiligheid meer in gevaar hebben gebracht dan de betreffende ministers en de ambtelijke medewerkers die deze telefoons hebben uitgedeeld (en waarvoor de minister vervolgens weer verantwoordelijk is).

Dat betekent niet dat Vodafone vrijuit gaat. Dat Vodafone niet als enige verantwoordelijk is, maakt ze nog niet níet verantwoordelijk. Hoogstens onverantwoordelijk.

Bovendien zijn er nog de echte slachtoffers van Vodafone: de overige 5 miljoen klanten van het bedrijf. Van ministers mag je meer handigheid met geheimen verwachten dan van de buurman, en daaruit volgt logischerwijs dat de buurman beter tegen zichzelf in bescherming moet worden genomen dan een minister.

Simpele oplossing

Inmiddels heeft Vodafone een simpele oplossing bedacht en ingevoerd. Voicemailberichten kunnen alleen worden afgeluisterd als de eigenaar van een bepaald nummer de standaard-pincode heeft vervangen door een eigen verzinsel. Voor de talloze niet-politici die Vodafone als klant heeft, komt deze technische innovatie wat aan de late kant.

Voor de kiezer is het echter ook wel een beetje jammer dat dit beveiligingslek gedicht is. Een prachtig instrument om technologische incompetentie onder bestuurders aan te tonen, is daarmee immers verloren gegaan.

Want iemand die zelf niet in staat is een pincode te wijzigen, noch zich te realiseren dat gedegen beveiliging belangrijk is voor een telefoonnummer waarnaar wereldleiders te bellen, is wellicht ook niet geschikt om een Lynx-helikopter op een reddingsmissie naar een instabiel Noord-Afrikaans land te sturen.