De Rotterdamse korpschef Frank Paauw heeft het niet begrepen. Dat je met een nationale DNA-databank meer boeven kunt vangen, is nog geen reden om het te doen. Door Arjan Dasselaar.

Het is een voorspelbaar mechanisme in Nederlandse discussies: een politicus of andere hotemetoot doet een voorstel dat fundamentele burgerrechten schendt. Vervolgens gaan slimme geesten uitleggen waarom dat voorstel niet kan werken.

Daaruit blijkt de pragmatische, in plaats van principiële, aard van ons volk. Zelfs als we ideologisch van ons gelijk zijn overtuigd, proberen we ons gelijk te halen met behulp van praktische argumenten.

Binding met idealen

Dat is jammer, want zo raken we als volk de binding kwijt met de idealen waarop onze humanistische en democratische samenleving is gebouwd. En dat kan – toch maar even heel praktisch bekeken – ervoor zorgen dat we vergeten waarom die idealen zo belangrijk zijn.

Zo is het een grondrecht dat mensen onschuldig zijn totdat het tegendeel is bewezen. Dat was vroeger wel anders. Wie werd opgepakt door het vroegere equivalent van de politie, werd vaak behandeld alsof hij schuldig was.

Martelen

Er is een tijd geweest dat het dus gerechtvaardigd werd geacht om dergelijke verdachten te martelen. Je zorgde er immers louter voor dat de schuld van de verdachte, die eigenlijk toch al vaststond, werd toegegeven.

Dat de neiging om zo te denken, nog altijd niet verdwenen is uit onze samenleving, blijkt wel uit tal van recente juridische dwalingen waarbij rechercheurs overtuigd waren van hun eigen gelijk. We noemen de Zaanse paskamermoord, de Schiedammer parkmoord en de zaak Lucia de Berk.

Burgers beschermen

Grondrechten hebben echter ook een diepere betekenis. In de breedste zin zijn ze er om burgers tegen de staat te beschermen. Een individuele burger heeft over het algemeen weinig macht. De staat kan mensen daarentegen maken en breken.

Grondrechten zorgen er niet alleen voor dat die machtsbalans een klein beetje in het voordeel van de individuele burger verschuift, maar zijn ook een belangrijk statement. Een staat die grondrechten respecteert, zegt daarmee: ‘Ik ben er voor jou, en jij niet voor mij. Je hoeft niet bang voor me te zijn.’

DNA-databank

Dus u kunt raden wat ik vind van het plan van de Rotterdamse korpschef Frank Paauw om een DNA-databank aan te leggen met daarin het erfelijk materiaal van alle Nederlanders.

Voor de praktische gevolgen van zo’n databank ben ik niet direct bang. Want ik heb, zoals dat heet, ‘niets te verbergen’ en pleeg in een gemiddelde week niet zoveel moorden. Veel ernstiger vind ik de gedachtegang die achter zo’n onzalig idee zit.

Integriteit

Paauw is blijkbaar van mening dat de taken van de staat – het pakken van boeven – belangrijker zijn dan het behoud van de integriteit van de democratische, grondwetminnende staat. Hij verwart daarmee doel en middel op een wel erg schrijnende wijze voor iemand op zijn machtspositie.

Minstens zo jammer was de reactie op zijn voorstel. Allerlei goedbedoelende mensen gingen onmiddellijk uitleggen waarom zo’n databank niet kon werken. Allemaal met de beste bedoelingen, maar toch is dat jammer. Het enige wat de voorstanders van zo’n onzalig plan vervolgens hoeven te doen, is een manier te verzinnen waarop het wel kan werken.

Fundamenten

Terwijl de toepasbaarheid van Paauws voorstel in het geheel niet ter zake doet. Er zijn tal van methodes die best kunnen werken maar die onmiddellijk moeten worden verworpen als strijdig met de fundamenten – oftewel de grondwet – van een beschaafde samenleving.

De ‘geavanceerde’ verhoormethoden van meneer George W. Bush bijvoorbeeld. Komt u niet aan met die kletspraat dat de werkzaamheid van martelen niet ‘bewezen’ is: dat is nu exact de strohalm waaraan mensen zich vasthouden die ervoor hebben gekozen om te discussiëren op basis van pragmatisme in plaats van principes.

Martelen werkt

De praktijk leert dat martelen wel degelijk werkt. Niet altijd, niet bij iedereen, maar vaak genoeg. Vraagt u het anders zelf even na bij Khalid Sheikh Mohammed. En toch ben en blijf ik tegen. Simpelweg omdat de staat machtig is, en u en ik niet. En omdat ik u noch mezelf een portie waterboarding gun totdat onze onschuld is vastgesteld.

De prijs van vrijheid is geen abstract begrip, maar exact dit: vrije burgers die aanvaarden dat er bepaalde instrumenten zijn die ze niet willen gebruiken omdat dat de fundamenten van hun samenleving aanvreet. En als prijs daarvoor accepteren dat er daardoor soms boeven ontsnappen die in een dictatuur gepakt zouden zijn.

Maar dat is nog altijd een koopje vergeleken bij het moeten leven in de politiestaat van meneer Paauw.