Open wond

Oude koeien uit de sloot halen... Wie ligt er in Nederland nog wakker van het moslimterrorisme, nu het blijft bij een paar onterecht opgepakte Somaliërs, verdacht gemaakt door een landgenoot. Man, het is de Arabische lente! Door Peter Wierenga

Maar ik ruik nog iets anders dan jasmijn. De open wond die Van Gogh heet. Eindelijk laat iemand vanuit de AIVD zélf iets los over hoe de geheime dienst wel de informatie had, maar desondanks de risico’s voor Theo van Gogh zó fataal miskende.

Wie het debat na de moord nog scherp op zijn netvlies heeft staan, herinnert zich vast hoe minister Johan Remkes stond te schutteren in de Tweede Kamer, briefjes door elkaar husselend. Op zich was het al opvallend dat de dienst Mohammed B. als een bijfiguur had beschouwd. Maar later bleek dat nog vele malen opvallender te zijn.

Want Remkes’ feitenrelaas valt achteraf vooral op door de feiten die er niet in staan. B. had wel degelijk internationale contacten, zelfs met een topterrorist, en hield netjes de Hofstadgroep-centjes bij. Wat nou bijfiguur? Dat alles wist de AIVD al vóór november 2004.

Cruciale feiten

Maar dat de dienst dat wist, kreeg de Kamer in het debat niet te horen. Deze cruciale feiten zouden pas jaren later aan het licht komen, toen excellentie Remkes allang geen excellentie meer was. Het zaakje stonk.

Ach, ook dat vernietigende rapport van de Commissie van Toezicht werd gebagatelliseerd. Door de volgende excellentie.

Natúúrlijk is de terrorist als enige direct schuldig aan de dood van de flamboyante filmmaker. Maar de terechte vraag of de overheid tekort is geschoten in haar belangrijkste taak, het beschermen van burgers, is al die jaren onder de tafel geschoven.

Het is niets dan lafheid als een politicus op zo’n moment blijft zitten waar ie zit. Een dure lafheid, omdat het wantrouwen in de samenleving onderhuids door etterde.

Onervaren

En dan de recente onthulling: een onervaren AIVD-medewerker zat op het zware dossier, met nauwelijks begeleiding. Dat schreeuwt om een reactie. Staatsrechtelijk is een minister verantwoordelijk voor zijn voorgangers. Laat dat toevallig Piet Hein Donner zijn, de man die destijds Remkes’ collega was in het kabinet.

Als justitieminister schreef de CDA’er zelfs mee aan het feitenrelaas. En even later maakte hij zich onsterfelijk belachelijk met het voorstel om godslastering weer te bestraffen. Alsof Van Gogh degene was die voor de rechter had moeten verschijnen.

Van mij hoeft Donner nú niet op te stappen, als een pseudo-Remkes. Zo’n staatsrechtfundamentalist ben ik ook weer niet. Bovendien is er - zo zegt ook oud-AIVD’er Heleen de Waal - veel verbeterd bij de dienst.

Maar een officieel excuus voor het geblunder, ruim zes jaar na dato, zou grote symbolische waarde hebben. Beter laat dan nooit.

Iets zegt me dat het niet gaat gebeuren. Mijn neus.

Tip de redactie