Een miljoen mensen op de been, en één lullig spandoek volstaat om ons het schaamrood op de kaken te brengen. Door Peter Wierenga

Wat weet ik van Egypte? Vrijwel niets. Maar zelfs de meest sceptische geest moet erkennen dat deze revolutie, hoe riskant ook, dé kans biedt op een Arabische lente. Van achterlijk neefje tot ideale schoonzoon, Hollywoodfilm met happy ending.

Begrijpelijk dat de angst voor de Moslimbroeders diep zit, zeker in het vaker in zijn existentie bedreigde Israël. Bij de verkiezingen zullen de baardmannen met gezond wantrouwen benaderd moeten worden.

Maar deze politiestaat met dollars op de been houden, zodat alle creativiteit en energie smoort in corruptie – dat is óók onhoudbaar. En voorlopig raakt wat ik zie me meer dan dat het me verontrust.

Moed

Alsof de Muur voor een tweede keer valt. Je hoeft geen psycholoog te zijn om de moed van de Egyptenaren te voelen die de straat op gaan. Je hoeft geen dr. Clavan te zijn om te voorspellen dat de dagen van Mubarak nu echt geteld zijn. Je hoeft geen kunstenaar te zijn om de schoonheid van de beelden te ervaren.

De Koptische priester hand in hand met de imam. De oude vrouw die een soldaat kust. De jonge dokter die uitlegt waarom ook híj demonstreert. De woest bebaarde man die roept dat hij vrijheid wil voor moslims én atheïsten. Als het allemaal een toneelstukje is, dan is het verdomd goed geacteerd. Taqiyya tot de miljoenste macht.

Bizar om het live mee te maken. Via Twitter, via Al Jazeera dat zo’n goede vriend van Arabische regimes zou zijn. In Jordanië, Sudan, Yemen kunnen ze de zender nu wel schieten. Zelfs in China is de woede van de volksmassa in Caïro taboe verklaard.

Natuurkracht

Deze revolutie is als een natuurkracht, waarbij je je immens klein voelt. Zo van we moesten maar eens erkennen - na Irak - dat ze het toch beter zélf kunnen doen. Ik ga bijna denken dat die haat tegen het Westen misschien ergens wel terecht is… Tot de camera inzoemt op het Tahrir-plein, en mijn oog op dat ene spandoek valt: Yes we can too!

Damn, worden we om de oren geslagen met onze eigen leuzen.

Ik wou nog iets bemoedigend zeggen, over ónze democratie, over Kunduz. Over politici die over hun eigen schaduw heen stappen. Allemaal waar. Allemaal verbleekt het nu even. Ik houd mijn mond, en mijn adem in.