Afgelopen zondag belaagden ex-woonwagenbewoners een Haagse wethouder, omdat hij hen in 2006 geen nieuwe standplaats voor hun wagens had aangeboden. De relatie tussen de overheid en woonwagenbewoners is al lang gespannen. Door Anno.

Rond 1900 reisden in Nederland drieduizend woonwagenbewoners rond, tot ongenoegen van veel mensen. Een Arnhemse jurist noemde woonwagens in 1913 ‘een kanker voor de samenleving’. Hij wilde maatregelen, ‘zoo dat het woonwagenwezen wordt uitgeroeid’.

In 1918 voerde de regering inderdaad de Wet op woonwagens en woonschepen in, om het rondreizen te beperken. Voortaan mochten woonwagenbewoners alleen met een vergunning hun wagen neerzetten. Wie niet op het speciale woonwagenterrein ging staan, moest bovendien na 48 uur vertrekken.

Geïsoleerd

In de jaren vijftig bemoeide de staat zich nog meer met de Nederlandse woonwagenbewoners. Ze leefden te geïsoleerd, vond de regering. Daarom werden in 1968 vijftig regionale woonwagenkampen opgericht, met scholen en sociale voorzieningen. Dat zou de integratie met huisbewoners bevorderen.

Rondtrekken was nu verboden. Woonwagenbewoners moesten verplicht met hun wagen op het kamp staan, tot hun grote onvrede. ‘Natuurlijk is het hier wel mooi’, zei een kampbewoner uit Tiel in 1971, ‘maar wat koop ik ervoor. Wij zijn onze vrijheid kwijt’.

Criminaliteit

Het kampenplan pakte slecht uit. De woonwagenbewoners hadden juist minder contact met andere Nederlanders. Veel kampen verpauperden en de criminaliteit nam toe. Na negen jaar besloot de regering de daarom kleine kampen in te richten.

Maar deze tweede verplichte verhuizing riep groot verzet op. Veel bewoners gingen met de politie op de vuist en hielden allerlei demonstraties. Een slogan in 1983 was: ‘Woonwagenmensen hebben eigen wensen!’

De demonstraties van de woonwagenbewoners waren niet zo grootschalig als andere protesten in de jaren tachtig. Lees hier over de vredesdemonstraties die nog altijd de grootste van het land zijn.

De column Anno NU geeft wekelijks een stukje geschiedenis bij het nieuws. Reageren? Ga naar www.anno.nl.