Andries Jonker is sinds een week trainer van Bayern München. Dat is geen grap. Dat is volkomen terecht. Door Thijs Zonneveld

Hoe lang zou Andries hebben geïnvesteerd? Tien jaar? Vijftien jaar? Langer nog? Het moet in ieder geval hebben aangevoeld als een eeuwigheid. Iedere dag hetzelfde liedje:

Om half zes gaat de wekker. Op naar het huis van de baas. De krant van de mat pakken, tellen hoe vaak de naam van de baas erin staat, koffie zetten (met een klontje suiker en een wolkje melk – niet teveel), croissantjes in de oven, aardbeien schoonmaken, sinaasappelen persen. Sloffen opwarmen.

7.00 uur: de baas wakker maken. Zachtjes natuurlijk. Ontbijt op bed serveren.

7.45 uur: auto voorrijden, deur openhouden, zeggen dat de baas er vandaag piekfijn uitziet. Naar de club rijden. Met de juiste radiozender op uiteraard: bij voorkeur Duitse Schlagers. Ondertussen de agendapunten van de baas opnoemen.

8.30 uur: aankomst op de club. Parkeren, deur openhouden, tas dragen. Gesprek aanknopen met koffiejuffrouw, terreinknecht en reservereservelinksback van het tweede om de teamgeest hoog te houden. Telefoon van de baas opnemen (‘Ja hallo, met de telefoon van de baas. Ik zal u vragen of hij u straks even terug belt.’). Koffie halen (klontje suiker, wolkje melk – niet teveel).

10.00 uur: donderspeech met spuugvlokken van de baas over je heen krijgen vanwege teveel melk in de koffie. Of anders vanwege niet genoeg verse opschrijfboekjes in de la van het bureau van de baas. Of vanwege je scheiding niet strak genoeg (‘Kam jij nou zou slecht of kam ik nou zo goed???’).

10.30 uur: spuugvlokken uit scheiding verwijderen. Opnieuw kammen.

11.00 uur: training. Pilonnen plaatsen. Met de handen op de rug schuin achter de baas staan en diens aanwijzingen kopiëren.

13.00 uur: zoekgeraakte ballen zoeken.

15.00 uur: bij baas op kantoor luisteren naar betoog over tactiek. En over de opstelling. En over de baas zelf. Ernstig kijken en jaknikken. Af en toe applaudisseren. Koffie halen (klontje suiker, wolkje melk – niet teveel). Kaartje leggen als de baas zich verveelt (en verliezen).

16.00 uur: persconferentie voorbereiden. Glaasje water neerzetten. Stoel van baas opwarmen als het onder de dertien graden is. Journalisten van de zwarte lijst naar buiten trappen.

17.30 uur: terug naar huis. Tas dragen, deur van de auto openhouden, zwaaien naar de fans namens de baas. Hard lachen als de baas een mop vertelt.

18.00 uur: koken, volgens het recept van de baas. Andijviestamppot met katenspek en kalfssukade. Beetje gepofte knoflook. Toetje: vla. Met een kers erop. Zonder pit uiteraard.

19.00 uur: uitbrander krijgen vanwege teveel knoflook. Of juist vanwege te weinig.

20.00 uur: open haard aansteken. Filmpje in de dvd-recorder stoppen. Gordijnen dichttrekken. Wijntje serveren. Knabbeltje erbij. Jezelf terugtrekken in de keuken om de afwas te doen en fornuis te boenen.

23.00 uur: de baas voorlezen uit het boek dat je de baas vorig jaar hebt helpen schrijven. Slaapliedje zingen. Truus een zoentje geven. Bekertje melk opwarmen als baas niet kan slapen. Daarna de boel opruimen.

0.00 uur. Jezelf huilend in slaap wiegen.

En dat dag na dag na dag na dag. Je moet er maar tegen kunnen. Andries is geen prutser. En ook geen hielenlikker. En ook geen verrader. Andries is een bikkel. Hij heeft jarenlang zijn leven gegeven voor deze ene kans.

Trainer van Bayern. Als iemand het verdient, dan is het Andries wel.