Een f*cking sportman

Eerst had hij gesnoven. Toen weer niet. Toen weer wel. Toen weer niet. En toen weer misschien. Schiet mij maar lek: ik snap er helemaal niks meer van. Door Thijs Zonneveld.

Ik stel voor dat ze in het turnen voortaan afspreken of ze nu wel of niet iets naar buiten brengen. Als je een conflict via de media wilt uitspelen – doe het dan niet door een paar vage zinnen op te sommen en daarna je kop in het zand te steken.

Als je iemand publiekelijk afslacht, doe het dan met een reden die voor datzelfde publiek duidelijk is. Doe het met bewijs.

Yuri van Gelder doet net zo hard mee aan de struisvogelpolitiek. Hij vlucht naar Portugal en stuurt één enkele persverklaring naar Nederland om alles te ontkennen. Coke gebruikt? Welnee. Hij werd alleen een beetje kriegelig van de heisa aan zijn hoofd. Verslaafd? Welnee.

Smerig woord

Van de week zei The Lord of The Rings in een documentaire dat hij dat een smerig woord vindt. Hij is geen junk. Hij is een f*cking sportman. Dat klonk heel stoer.

Maar Van Gelder zou pas een echte f*cking sportman zijn als hij gewoon in Nederland was gebleven en de confrontatie met zichzelf, de media, het publiek en de nette turnmeneren was aangegaan.

Eigen bond

Yuri’s carrière is naar eigen zeggen nog lang niet over. Hij gaat alleen nevernooit meer voor de Nederlandse bond turnen. Hij heeft al nagedacht over alternatieven. Hij twijfelt tussen het oprichten van een eigen bond (gaat niet lukken - veel te veel werk), zichzelf selecteren voor grote wedstrijden (hoe doe je dat in godsnaam?) en turnen voor een ander land.

Dat wordt dus alweer inpakken en wegwezen. Maar waar naartoe?

Optie 1: België. Schaatsbelgen (Bart Veldkamp, André Vreugdenhil), paardenbelgen (springruiter Jos Lansink) en judobelgen (Elco van der Geest) hebben ze daar al, dus een turnbelg kan er vast wel bij. Over cocaïne doen ze niet moeilijk: Tom Boonen poedert zijn neus ook wel eens. Probleem: België is heel dichtbij. Dan zitten er nog steeds het hele jaar Nederlandse journalisten op Yuri’s lip.

Optie 2: Rusland. Hoeft-ie ook niets meer te doen aan zijn voornaam. Yuri van Gelderski – klinkt als een klok. Nadeel: veel te veel poedersneeuw in de winter.

Optie 3: Argentinië. Diego Maradona heeft de weg al vrijgemaakt voor (ex-)cocaïnegebruikers. Hij kreeg zelfs de belangrijkste baan van het land – bondscoach van het nationale voetbalelftal. Probleem: in Argentinië bestaan amper andere sporten dan voetbal. Turnen is meer iets voor schoolmeisjes. Meer dan een carrière als uitsmijter bij een louche discotheek in een achterbuurt van Buenos Aires zit er voor The Lord of The Rings niet in.

Optie 4: Colombia. Een betere ambassadeur dan Yuri van Gelder kunnen ze zich daar niet wensen. Er zijn ongetwijfeld een paar dubieuze figuren die bereid zijn te investeren in een sporter die aantoont dat je met exportproduct numero uno achter je neusschot ook wereldkampioen kunt worden. Gevaar: niet winnen betekent een tuintje op je buik.

Optie 5: Noord-Korea. Veruit de beste optie van allemaal. Geen heisa meer aan Yuri’s hoofd. Journalisten bestaan niet, nette turnmeneren ook niet. Van fans heeft hij niks te duchten. Die overtuigt hij allemaal tegelijk met één enkel zinnetje.

Hoe zeg je ook alweer ‘Ik ben een f*cking sportman’ in het Koreaans?

NUwerk

Tip de redactie