Beste meneer Bert,

Voetbalpooltjes worden gewonnen door degene die er het minst van snapt. Organiseer een toto op een bedrijf met zes etages mannen die iedere dag voetbal eten, drinken en ademen – en de koffiejuffrouw (‘Moet ik voor de blauwen of de rooien zijn?’) wint de pot. Door Thijs Zonneveld.

Ik heb geprobeerd mijn WK-pooltje in te vullen met behulp van alles en iedereen die ik kon vinden.

Wie moest ik in godsnaam wereldkampioen laten worden? De statistieken zeiden Brazilië, Dr. Google zei Spanje, de jochies op het schoolplein zeiden Argentinië en van de pizzabezorger moest ik per se Italië invullen.

Op advies van een Zuid-Afrikaanse voodoomeester heb ik zelfs nog gezocht naar gierenhersenen. Die waren onvindbaar.

Toen ik bezig was de schedel van een koolmees (handig, zo’n vogelhuisje) open te boren, besefte ik ineens dat ik bij het vorige WK de pot had gewonnen. En bij het WK daarvoor ook. En het WK daarvoor. En daarvoor. En daarvoor.

Ik ben de koffiejuffrouw.

Verrek, ik ben de koffiejuffrouw, meneer Bert. Verstand van voetbal heb ik niet. Ik weet nog steeds niet wat hinderlijk buitenspel is, ik snap niet waarom de keeper bij penalty’s altijd omvalt voordat de speler heeft geschoten en het is me een raadsel waarom die cirkel op het middenveld een ruit wordt genoemd.

School

WK-pooltjes win ik altijd. Op het eerste WK dat ik bewust meemaakte (1990, Italië), speelden we een toto op school. Inzet: een duppie. Hoeveel 30 x 0,10 gulden was, dat wist ik niet.

Alleen maar dat het een fortuin moest zijn. In de achtste finale speelden we tegen Duitsland. Ik was de enige die zijn hele duppie op de Duitsers inzette. 2-1, dacht ik. Van het fortuin dat ik won had ik overigens weinig plezier. Het voelde als bloedgeld.

Ik was ervan overtuigd dat ik de nederlaag tegen Völler, Matthäus en Klinsi had veroorzaakt. Het ijsje dat ik kocht van mijn bloedgeld, viel bij de eerste lik van zijn hoorntje op mijn nieuwe gymschoenen. Rotduitsers.

Bebeto

Vier jaar later voorspelde ik dat Nederland eruit zou vliegen tegen Brazilië (stonden Bebeto en Romario nu buitenspel of niet?), in 1998 idem dito, in 2002 deed ik niet mee en in 2006 vulde ik Italië in als wereldkampioen zonder dat de pizzakoerier me daartoe had gedwongen. Toeval? Dat bestaat niet.

Het patroon. De logica. Of het nu de koolmezenhersenen zijn of niet: ineens is het zo helder. Alles draait om de koffiejuffrouw. De koffiejuffrouw wint niet omdat ze de wereldkampioen goed voorspelt, maar de wereldkampioen wint omdat de koffiejuffrouw het zo heeft ingevuld.

Plotseling snap ik waarom de koffiejuf zo’n belangrijke rol vervult in de organisaties van control freaks als Louis van Gaal en Co Adriaanse. Ze paaiden of transfereerden koffiedames en daarna veroverden ze de wereld met provincieclubjes (Willem II, AZ) of een Duits team vol Duitse houthakkers (Bayern München).

Wees niet ongerust, meneer Bert. Deze koffiejuffrouw heeft zijn pooltje ingevuld. Wereldkampioen: Nederland. Alles is onder controle.

Hartelijke groeten,

Thijs
P.S. Wat wilt u erin? Melk? Een klontje suiker?