Beste meneer Bert,

Van de week viel de nieuwe NUsport op mijn deurmat. Op de voorpagina een jongetje met een krulletjespermanent en daarnaast een ventje van anderhalve meter groot. De tekst: ‘Iedereen schijt in zijn broek voor ons.’

Het krulletjesjongetje heeft de armen over elkaar geslagen, het ventje naast hem zit achterover in een witte sofa.

Ze kijken heel stoer in de camera, met de blik die ze voor de komst van de fotograaf nog even in de spiegel van het toilet hebben geoefend: de iedereen-schijt-in-z’n-broek-voor-ons-blik.

Ze zien eruit als twee brugklassers die net The Godfather hebben gekeken en hebben besloten maffiabaas te worden.

Ik zeek in mijn broek van het lachen.

Komende zomer

De ene brugklasser heet Ali B, het kleine jongetje naast hem heet Wesley. Ja, die Wesley waar u komende zomer wekenlang mee samen in een hotel zit. Die Wesley die eist dat hij minimaal twintig keer zoveel vrije trappen als Robin van Persie mag nemen.

Die Wesley die zijn sokken afknipt omdat ze anders tot zijn liezen komen. Die Wesley zei dus dat de rest van de wereld in zijn broek schijt voor het Nederlands Elftal. Op hetzelfde moment maakte u bekend dat Vurnon Anita (ja, er bestaan nóg kleinere voetballers dan Wesley) is geselecteerd voor een oranje oefenstage.

In Huize Materazzi poepte er prompt een boomlange huurmoordenaar c.q. centrale verdediger zijn broek vol.

Camping-wc

Dat laatste verzin ik niet. Dat is echt zo. Zegt Wesley. Volgens hem begint het in de kleedkamer van Inter Milan te ruiken naar camping-wc als het over het Nederlands Elftal gaat. Bij Inter, meneer Bert, bij Inter. Voor de duidelijkheid: dat is die ploeg die vorige week het voetbal zelf vermoordde op een slagveld in Barcelona.

Dat voetbalteam dat een voetbalwedstrijd won door niet te voetballen. De spelers van die ploeg – de meest gehate ter wereld – zijn bang voor ons. Bang voor het maffiabaasje Wesley, bang voor een kale dribbelaar met glazen benen, bang voor een Jan-Klaas Goentelaar die bij AC Milan zo weinig mag opdraven dat geen Italiaanse commentator zijn naam kent.

Nachtmerries

Als de spelers van Inter al in hun broek schijten voor ons: hoe moeten de arme Denen, de Japanners en de Kameroenezen zich dan voelen? Hebben ze nachtmerries met Sander Boschker in de hoofdrol?

Durven ze niet met het licht uit te slapen omdat ze denken dat er Johnny Heitinga’s onder hun bed liggen? Lopen ze bij een psychiater om van hun Stijn Schaars-fobie af te komen? Of controleren ze ’s avonds bibberend de keukenkastjes om te zien of er geen Vurnon Anita’s in zitten?

Inhaleer het

Beter kan het niet, meneer Bert. Laat ze hun broeken maar vol kakken. Ruik het. Snuif het. Inhaleer het. Die geur maakt ons groter, beter, stoerder. Sterker nog: we hebben die geur nodig. Het is een misverstand dat klasse ruikt naar roosjes, dure parfum en champagne.

Klasse stinkt. Ik heb een klein experimentje gedaan: ik heb de NUsport met Wesley en Ali B op de voorkant meegenomen naar de wc. Toen mijn eigen dampen om me heen sloegen, hoefde ik ineens niet meer te lachen om hun Godfather-imitatie.

Ik zag twee doodenge mannen die komende zomer vieren dat we de beste van de wereld zijn. Wesley heeft gelijk: iedereen schijt in zijn broek voor ons.

Hartelijke groeten,

Thijs
P.S. Er is maar één tegenstander waar we echt voor moeten oppassen: Kaká.