We waren deze zomer weer even trots op Nederland. Daar waren maar twee goede voetbalwedstrijden voor nodig. Door Jurryt van de Vooren / Sportgeschiedenis.nl

De Engelse schrijver David Winner kwam enkele jaren geleden met een bijzondere anekdote over de Britse ambassadeur in Nederland, Colin Budd. In 2001 schreef hij een officieel rapport aan zijn regering over de algemene situatie in Nederland. Daarmee was het erg slecht gesteld, aldus de ambtsman. De Nederlanders waren niet meer trots op Nederland.

Volgens hem zat ons land met twee fundamentele problemen: Wim Kok en Louis van Gaal. Aan de kont van de sociaal-democraat hing politiek onheil vanwege zijn uitgepoepte Paarse kabinet. Maar misschien nog wel belangrijker voor ons slechte humeur was de uitschakeling van Oranje voor het WK Voetbal van 2002, onder leiding van Van Gaal. Budd schreef hierover:

"De Nederlanders waren eraan gewend geraakt dat alles in hun land functioneerde. Omdat hun economie zich zo goed ontwikkelde, waren ze blind geworden voor sommige van hun tekortkomingen. In 2001 raakte ze opeens bezorgd over de problemen met hun spoorwegen, scholen en ziekenhuizen, over hun falen om de enorme kosten te verminderen voor hun sociale voorzieningen, over de mond-en-klauwzeer, over toenemende maatschappelijke problemen, over het gedrag van immigranten, en – heel belangrijk – over het nationale elftal dat zich niet wist te plaatsen voor het WK Voetbal."

Sport bepaalt dus voor een groot deel hoe trots en zelfbewust Nederland is. Als zelfs een Brits ambassadeur zich hierdoor laat beïnvloeden in een ambtsbrief zit er misschien een kern van waarheid in.

Trots op Nederland

Precies een jaar geleden werd een onderzoek aangekondigd, waarin moet worden aangetoond of sport inderdaad zo’n grote invloed heeft op ons nationale humeur. Namens het Mulier Instituut in Den Bosch is Agnes Elling hiermee bezig. De eerste conclusie geeft ze gratis weg:

"Het is in ieder geval zeker dat sport een enorme rol speelt in ons gevoel van trots, samen met wetenschap en technologie. Als we aan Nederlanders vragen waar ze het meest trots op zijn, noemen ze als eerste deze sectoren."

Om deze abstracte benadering handen en voeten te geven worden metingen gedaan naar ons positieve wij-gevoel. Tijdens de afgelopen Sportzomer werd hiermee begonnen met twaalf metingen, waarbij werd gekeken of de recente sportprestaties invloed op ons hebben gehad. Het jaar 2008 was natuurlijk uitstekend geschikt met een EK Voetbal, de Olympische Spelen, de Tour de France en Wimbledon.

De onderzoekers zeiden hier afgelopen mei over: "De komende maanden meet het Mulier Instituut regelmatig gevoelens van welbevinden en nationale verbondenheid en trots. De week na afloop van enkele grote topsportevenementen voert het instituut extra metingen uit en worden respondenten gevraagd in hoeverre de sportevenementen zijn gevolgd via de media."

Trots op het Nederlands Elftal

Op de gegevens van de laatste meting wordt nog gewacht, waarna de wetenschappers deze zullen onderbrengen in een analytisch model. Toch blijkt nu al dat de prestaties van Oranje tijdens het EK Voetbal hebben gezorgd voor de grootste piek in ons positieve wij-gevoel – om dat glijwoord nogmaals te gebruiken. Na de indrukwekkende zeges op Italië en Frankrijk steeg onze trots-index naar hogere waarden.

Sterker: uit de eerste analyses blijkt dat de aanloop naar het EK al goed was voor ons nationale humeur. Elling: “Dat staat dus los van de prestaties van de voetballers. Mede door de media werden we opgewarmd en gingen we ons identificeren met het team." Toen was er nog geen wedstrijd gespeeld!

Ambassadeur Budd had gelijk: door de uitschakeling van Oranje voor het WK van 2002 werd ons de voorpret afgepakt, waarop we ons blijkbaar elke twee jaar verheugen. Van Gaal faalde in zijn missie en liet zijn land daardoor achter met een kater. Het is nu nog een raadsel dat er die zomer niet in heel Nederland revoluties zijn uitgebroken.

Alhoewel, dat we daaraan zijn ontsnapt, is ook weer niet zo heel vreemd. De invloed van ons nationale elftal blijkt namelijk van vrij korte duur te zijn. De metingen laten zien dat de twee goede wedstrijden op dit EK een zichtbare piek opleverden, die snel daarna weer was verdwenen. Eigenlijk hadden de onderzoekers willen weten wat er met ons zou gebeuren als Oranje de Europese titel had gewonnen, maar helaas weigerde de actualiteit hieraan mee te werken. Daarop moeten we dan maar even wachten.

Crisis

En zo stuiterde onze trots-index wat heen en weer tijdens de laatste Sportzomer. In de plus met het EK Voetbal, in de min tijdens de Tour de France en weer lichtjes omhoog tijdens de Olympische Spelen. Nu is het oktober en is overal de pleuris losgebroken met instortende beursindexen en omvallende banken. Is er daarom nog iets te merken van die fijne Sportzomer?

"We zitten weer op hetzelfde niveau als tijdens onze nul-meting in mei," aldus Elling. Al die sporters hebben ons dus voor even een kloppend nationaal hart bezorgd, maar daar is nu niets meer van te merken. Jammer maar helaas, maar de AEX maakt meer kapot dan het Nederlands Elftal goed kan maken.

Hier reageren.