In zijn tweede serie Kijken In De Ziel ondervraagt Coen Verbraak toptrainers. Na de psychiaters uit de eerste serie zijn deze amateurpsychologen toch andere kost. Door Paul de Lange.

Als ogen de spiegels van de ziel zijn, wat zegt dat dan over Coen Verbraaks ziel? Ook in zijn tweede serie tv-interviews kijkt Verbraak zijn gasten aan alsof hij ze ter plekke wil laten opstijgen. Die bezwerende blik is blijkbaar echt Verbraaks basisblik, met als bijeffect dat het hem helpt om dieper tot zijn gasten door te dringen.

In de eerste serie van Kijken In De Ziel lieten de geïnterviewde psychiaters in elk geval aardig wat interessants los.

Verbraak won er zelfs de Nipkowschijf mee. Nu wil dat vooral zeggen dat een programma in Volkskrant- en NRC-kringen hoog wordt gewaardeerd (hoe verrassend als een journalist die daarvoor schrijft het heeft gemaakt). Kan Kijken In De Ziel ook daarbuiten aanslaan?

Breder publiek

De tweede serie lijkt op een breder publiek te mikken. Dit keer zijn niet psychiaters maar voetbaltrainers de gasten. Toptrainers als Van Gaal, Hiddink en Van Marwijk, die doorgaans op tv met nietszeggend gewauwel wegkomen. Spannend als zij een keer tegenover een gelauwerd interviewer komen te zitten.

Gezien de verwachtingen vooraf valt het resultaat na twee van de drie afleveringen eigenlijk vies tegen.

Weliswaar vraagt Verbraak de trainers naar veel facetten: of ze hun spelers verwend vinden, hoe ze met vedettes omgaan, of ze boven de groep staan of juist er tussenin. Maar het stokt vooral bij de groepsprocessen. In de ziel van de eenzame trainer krijgen we tot nu toe zelden een blik.

Onconventioneel

Ditmaal is Verbraaks aanpak onconventioneel maar niet ontregelend. De ontlokte antwoorden bevestigen vooral het beeld dat de voetballiefhebber al lang heeft: toptrainers zijn amateurpsychologen.

Leo Beenhakker voorop. Die geeft bijvoorbeeld aan dat hij vedettes verantwoordelijkheid geeft zonder ze per se tot aanvoerder te bombarderen. Hoe dan wel? Dat blijft in het midden hangen.

Schuilde de kracht van de eerste serie Kijken In De Ziel in alert doorvragen, bij de tweede serie schort het daar juist meer dan eens aan.

Louis van Gaal mag uitgebreid van wal steken over zijn totale-mens-principe, zonder dat hij lastige vragen voorgelegd krijgt over deze, wat engere, kant van zijn geest (die na de huldiging in München nog zo vers in het geheugen ligt).

Raaskallen

Beenhakker kan ongestraft raaskallen over hoe hij als klein jongetje geen voetballer wilde worden, maar trainer. Dat zou uit een beroepskeuzetest op de lagere school zijn gerold. De enige logische repliek (“u kunt me nog meer vertellen, meneer Beenhakker”) laat Verbraak wijselijk achterwege, maar hij vraagt ook nauwelijks door. Wel kijkt Verbraak, deze kolder aanhorend, verbaasd op.

Voor zover dat mogelijk is, met die blik.

Kijken In De Ziel, RVU, dinsdag 21.30 uur.