Moet Sorry Minister wel of niet worden begeleid door gelach? Het VPRO-experiment met en zonder lach dwingt onbedoeld om te luisteren naar tv. Door Paul de Lange.

Pr-stuntje of oprecht tv-experiment? Op de website van de serie Sorry Minister zijn twee versies van één aflevering te zien.

Bezoekers mogen kiezen of de resterende reeks met of zonder lachband moet worden uitgezonden.

Volgens de VPRO meldden veel kijkers (hoewel het er in totaal nog geen 200.000 zijn) zich aan het gelach te storen.

De huidige tussenstand is dan ook geen verrassing. Natuurlijk gaat de lachloze variant op zijn sloffen winnen.

Mechanisch oproepbaar

De lachband heeft elke schijn tegen. Alleen het woord al, lachband. Het duidt op de ultieme ingeblikte lach, mechanisch oproepbaar door een druk op de knop. Wie stemt daar nou voor?

Toch is de benaming lachband misleidend. Het gaat hier niet om de klassieke band met gelach erop, zoals bijvoorbeeld in de Dikvoormekaarshow te horen is.

Bij Sorry Minister klinkt het gelach live. Niet ingelachen door publiek op de tribune, zoals bij sitcoms soms gebeurt, maar blijkbaar door een groepje welwillende lachers dat een ruwe versie voorgeschoteld heeft gekregen - waar vervolgens hun gelach onder wordt gemonteerd.

Geworven

Of ja, hoe zal zoiets gaan? Wie zijn de lachers, hoe worden ze geworven? Krijgen ze ervoor betaald? Krijgen ze eerst wat - bewezen grappige - fragmenten te zien, om alvast een beetje warm te lachen? Het VPRO-experiment doet vragen opborrelen die anders nooit naar boven zouden komen.

Onbevangen naar Sorry Minister kijken is er niet meer bij. De ingelachen versie dwingt onbewust tot een analyse van de lachsalvootjes: wanneer vinden ze plaats, hoe luid zijn ze? Maar bij de kale versie rijst meer dan ooit de vraag wanneer je eigenlijk geacht wordt te lachen.

Goed geacteerd

Want eerlijk gezegd valt er weinig tot niets te lachen bij Sorry Minister. Wat niet wil zeggen dat het een slechte serie is. Er wordt goed geacteerd, en het is prettig om ministers eens met een welgemeend 'godskolere' uit hun politiek correcte rol te horen vallen. Maar de handelingen lijken eerder te mikken op de glim- dan de bulderlach.

Voor de volledigheid nog even gekeken naar wat Youtube-fragmenten van het Britse voorbeeld Yes Minister. Wat blijkt: de lach is hier niet weg te denken. Het verschil tussen het Hollandse en het Angelsaksische gelach is dan ook enorm.

Engelse lach

Zo te horen hebben de Engelsen niet een lullig groepje lachers opgetrommeld, maar een flink peloton. Dat maakt de Engelse lach bij voorbaat stukken zelfverzekerder, voller, guller.

De enkeling die je er soms bovenuit hoort, is in de Britse versie het type overtuigde lacher, die de anderen meesleept. In de Nederlandse versie is dat juist altijd de onzekere lacher, die lijkt te twijfelen of anderen deze grap ook wel een lach waard zullen vinden.

Waarschijnlijk was Yes Minister simpelweg een stuk grappiger dan Sorry Minister is. Toch is de gedachte verleidelijk: misschien wordt het vanzelf beter als Nederlandse comedy's de lach eens serieus nemen.

Sorry Minister, VPRO, Ned 3, dinsdag 22.00 uur