Zomergasten: Trudy Dehue

Elk seizoen van Zomergasten is één uitzending extra spannend: wordt het maandaggesprek er door beïnvloed of zal het niets meer dan drie uur saai hoorcollege blijken te zijn? Door Bert Brussen.

De wetenschapper als Zomergast geldt jaarlijks als de lakmoesproef voor zowel het programma als de presentator.

Waar de andere Zomergasten nog op zichzelf staan door hun bekendheid of hun intrinsieke waarde, moet de doorgaans relatief onbekende wetenschapper het hebben van een helder verhaal, aan elkaar geregen door verdiepende fragmenten en, vooral dat, de compositie moet van het begin tot het einde worden gedirigeerd door de presentator.

De wetenschapper als Zomergast zingt de prelude en de aria, de presentator leest de partituur.

Eigen grapjes

Dan moet die wetenschapper niet een keuvelende oude mevrouw met licht Limburgse tongval zijn die om haar eigen grapjes lacht. Ook moet de presentator dan niet de boel bij elkaar willen houden door vragen van het niveau “Waar ben je opgegroeid?”.

Het kan natuurlijk ook aan die twee truttige theekopjes die voortdurend in beeld waren hebben gelegen maar heel even leek het een intens knus en warm onderonsje tussen twee vrouwen te gaan worden.

Maria Goos

Een soort herhaling van het drama in 2005 toen Zomergasten-presentator Connie Palmen het presteerde met de mutserige Maria Goos een gezellig theekransje vol te babbelen over hun vrijwilligerswerk voor allochtone vrouwen in de Watergraafsmeer.

Het drama leek onafwendbaar: Margriet van der Linden had geen kennis van zaken, hoogleraar wetenschapsfilosofie Trudy Dehue was eenvoudig weg niet gewichtig genoeg voor een hoogleraar in Zomergasten. Ze was te warm, te dichtbij, te oude lieve oma die hopjes uitdeelt.

Het uitleggen en uitdiepen van wetenschap vraagt om een koele distantie, niet om anekedotes over de mooie dieprode kleur in de bakstenen van Noord-Groningse boerderijtjes. Het was alsof Yvon Jaspers de oma van Yvon Jaspers zat te interviewen voor een zomeraflevering van Klokhuis.

Wolkers

Gelukkig was wijlen Jan Wolkers er om in een fragment waarin hij vol Wolkersiaans vuur uit De Walgvogel voorlas het vuur ook in Trudy Dehue aan te wakkeren. Een klein vlammetje dat na verloop van tijd steeds feller oplaaide.

Via een heftig fragment van een autistisch Frans meisje naar Al Pacino die de aanzet gaf tot een eindelijk werkelijk interessant gesprek over het labelen van ziektes, aandoeningen en patienten.

Even laaide het in Dehue ontstoken vuur van wetenschappelijke passie hoger op. De rafelige vlammen van het passionele vuur raakten bij een fragment van de oude Karl Popper tot aan het bevattingsvermogen van Van der Linden en toen… toen werd het weer Libelle-tv. Iets met Groningen en leuke huisjes. Met gegiechel en gemaakte gesprekjes. Vuur gedoofd, spanning weg.

Persoonlijk

Ook persoonlijk werd het niets met Dehue. Het had bij de voorbereiding al duidelijk moeten zijn dat hoogleraar Dehue niet de vrouw is van de grote ontboezemingen.

Dat werd pijnlijk duidelijk toen zij het van Van der Linden verplicht over haar moeder die bijna haar hele leven depressief was geweest moest hebben. Zelden zijn op de Nederlandse televisie zulke pijnlijke stiltes uitgezonden.

Uiteindelijk draait Dehue’s controversiële boek De Depressie-epidemie om de verbijsterende beelden van de FDA hearings met voor-, tegenstanders en vermeende slachtoffers van antidepressiva.

Om dat soort beelden, en om het schrijnende gebrek aan wetenschappelijke verantwoording bij Dehue (het fragment van Popper die duidelijk maakte dat niets ooit helemaal zeker is diende kennelijk ter ondersteuning van het door Dehue genegeerde ontbreken van causaliteit tussen antidepressiva en levensgevaarlijke bijwerkingen), hadden deze drie uur Zomergasten ook kunnen gaan.

Lauwe thee

Dat had een hoop lauwe thee gescheeld en waarschijnlijk ook een nietszeggende Zomergasten-uitzending met een wetenschapper die veel meer te denken geeft dan alleen haar hypotheses over de “depressie-epidemie”.

Tip de redactie