Ik heb een machtige vriend. Dat is verder niet bijster interessant, maar het voordeel van macht is dat dat vaak gepaard gaat met een nogal fors gevulde bankrekening. Ook niet zo interessant, maar geld, hoe zeg je dat, is altijd handig. Door Marcel Langedijk

Dit hoef ik jullie, de trendzoekende lifestyletijgers die deze sectie van NU.nl zo trouw volgen, niet uit te leggen. Jullie weten dat hip zijn geld kost. Er zijn beroemde stylisten en modetijdschriften die jullie voorhouden dat je duur met goedkoop kunt combineren en zodoende supervoordelig retecool kunt zijn, maar dat is natuurlijk gelul. Een sweater van H&M kost je een tientje, een jeans van C&A doet zeven euro, maar Bastiaan van Schaik ziet dan wel graag dat je die combineert met laarzen van Dolce & Gabbana, die je drie modale maandsalarissen terugzetten. Zodat je per saldo alsnog diep in het rood zinkt.

Enfin. Die machtige vriend dus. Hij heeft liever niet dat ik zijn echte naam noem, zodat hij zich subtiel kan blijven voortbewegen in de wereld van de machtigen, dus laten we hem Frits noemen. Frits is niet trots op zijn macht, ook niet op zijn geld. Frits is heel gewoon gebleven. Maar Frits z’n gewoon is een ander gewoon dan ons gewoon. Frits houdt bijvoorbeeld van lekker eten en drinken, net als ik.

We gaan zodoende vaak een ‘hapje eten’, zoals Frits het noemt. Ik noem het zelf liever avondvullende eetfestijnen. De eerste paar keren wilde ik nog wel eens proberen te betalen na zo’n diner, want je gaat je toch wat bezwaard voelen als de man zijn creditcard blijft trekken. Parasiteren is een fantastische uitvinding voor de minder gefortuneerde mens, maar het houdt een keer op natuurlijk. Zelfs voor mij. Probleem is alleen dat je voor het geld dat Frits voor een gemiddeld diner neerlegt ook een Volkswagen Polo kunt aanschaffen. Met een paar kekke opties, zoals een achterspoiler en een loeder van een soundsystem. Frits moet altijd lachen om mijn ‘probleem’. Ik moet niet zeiken, zegt ie dan. En dat hij het graag doet. Want een mens moet toch eten, is zijn overtuiging.

Je vraagt je inmiddels natuurlijk af waar in godsnaam de trend in dit hele verhaal zit. Wel, lifestylevrienden, die trend aten Frits en ik gisteravond. Witte truffel, daar moeten we het even over hebben, namelijk. De zwarte truffel kennen we, die wordt te pas en te onpas door gerechten geraspt. Lekker, maar het blijft toch een beetje H&M. Witte truffel, daarentegen, dat is de bom. Witte truffel is geil. Witte truffel is Dolce & Gabbana.

Frits en ik zaten te eten in het beste Italiaanse restaurant van Amsterdam, alwaar chef Ambrosin ons vertelde dat 'ie witte truffel had. En of we dat over onze risotto wilden hebben. Dat wilde Frits wel. Ik ook, maar ik weet dat witte truffel meer kost dan een klomp goud, dus ik hield beleefd in. Onzin, besloot Frits, en gebood de chef er eens kwistig op los te strooien. En zo at ik de beste risotto ooit. Die duurder was dan een biefstuk van gemasseerde koeien uit Japan, maar een stuk goedkoper dan een nieuw paar sneakers. Ik had het zelf kunnen betalen, zeg maar. Helaas bestelde Frits vervolgens nog drie gerechten met witte truffel, een half hert en een fles wijn uit de buitencategorie, wat mij dwong hem wederom te laten betalen. Maar fuck dat: ik kán zo’n bordje risotto met witte truffel dus wel betalen. Ik ga morgen weer. En dan luister ik toch naar Bastiaan; ik combineer mijn risotto het met een glas huiswijn en een sweater van C&A. Heerlijke trend.