Onze premier heeft geen vrouw of vriendin waarmee hij lachend op foto’s verschijnt. Ook geen vriend of man waarmee hij lachend op foto’s verschijnt. Dit schijnt belangrijk te zijn. Door Nico Dijkshoorn.

Wij geloven blijkbaar alleen in een premier als hij regelmatig neukt met iemand waar wij het gezicht van kennen. Zo plat is het, dus schrijf ik het ook maar gewoon zo op. Pas als wij ons Mark Rutte naakt naast een vertrouwd iemand in bed kunnen voorstellen, dan worden wij rustig.

Veel andere mensen hebben heel goed begrepen dat zoiets goed werkt als marketing-dingetje. Altijd handig, een partner die als een uit je heup gegroeide entiteit overal naast je staat, lachend, of juist een beetje dommig kijkend. De Franse president Nicolas Sarkozy heeft het slim aangepakt.

Die kon kiezen, voor 65.000 euro per jaar lichaamsverlengende orthopedische schoenen aanschaffen of af en toe verschijnen met een vrouw waar iedere stokbroodbakker wel een keer mee de oven in wil kruipen. Je vrouw inzetten als lekker ding, ook dat is politiek. Handig voor zakenreizen en bezoekjes aan bevriende landen, iemand naast je die moeiteloos een nieuwe lijn ondergoed kan verkopen.

Veel mensen met macht zoeken of creëren een ideale partner. Albert Verlinde doet het met een burgemeester. Kan hij zeshonderd keer op de televisie een lijk omdraaien, de betrouwbaarheid van Onno straalt op hem af. Een prettig beeld, dat helpt.

Albert mag dan overdag zwart teer over zijn kin kwijlen als hij met een strak gezicht een miskraam meldt, maar dat maakt allemaal niets uit als het volgende plaatje ook maar binnenkomt: Albert in een lekker makkelijk joggingpak met Onno voor de open haard, nippend aan een goed glas wijn.

Het is een bekende columnisten-truc, in je wekelijkse of dagelijkse bijdrage een partner opvoeren die een beetje dommig is, een beetje lief is, een beetje storend is, alles steeds met als doel om zelf te schitteren.

Simon Carmiggelt deed dit bijna een leven lang. Zijn vrouw figureerde in honderden columns, teksten waarin Carmiggelt wel degelijk suggereerde dat de beschreven handelingen van de hoofdpersoon samen vielen met de handel en wandel van Carmiggelt zelf. Hij begreep dat lezers iemand nodig hebben die af en toe de nuchterheid in het verhaal brengt, iemand die op het juist moment iets doms zegt.

Aaf Brandt Corstius en Sylvia Witteman maken veelvuldig gebruik van deze techniek. Sinds Aaf in de Volkskrant een dagelijkse column schrijft wandelt er veelvuldig een man door haar verhalen die mij in niets doet denken aan haar echte partner. Zij maakt haar partner in haar stukjes expres wat dommer, expres wat onnozeler, om iets makkelijker een lach of herkenning te scoren.

Sylvia Witteman doet hetzelfde. Bijna al haar columns worden bevolkt door haar man en kinderen die, permanent om Witteman heen scharrelend, de raarste dingen bestellen op internet, alle stroopwafels op eten of haar vreemde vragen stellen. In het echt zal dit wel meevallen, maar dat vinden lezers nu eenmaal leuk, het gezin van een beetje lekker gek wijf volgen.

Dat dit nu ook voor de premier geldt verbaast mij. Ik ben er juist trots op dat Rutte hardnekkig blijft weigeren om te buigen. Ik heb liever een premier die met zijn handen in het vuile sop staat en vier boodschapjes afrekent bij de snelkassa, dan eentje die in de Vara-gids uitlegt hoe hij en zijn partner televisie kijken.

Daarom is het uitgelekte nieuws, dat de PVDA intern heeft aangedrongen op het ridiculiseren van Rutte zijn visuele partnerloosheid, nogal ontluisterend. Iemand bij de PVDA moet hebben gedacht, enkele maanden geleden: onze Cohen heeft een partner en die zit nog in een rolstoel ook. Rutte heeft niets. Daar valt iets te winnen. Het liep even anders.