Een kwartier geleden kreeg ik een mail van een medewerkster van een regionale krant. Door Nico Dijkshoorn.

Ze vroeg of ik mee wilde doen aan de rubriek Kijkje in de Keuken, waarin “iemand die bekend is in zijn of haar vak, praat over koken en zijn of haar keuken.”

Al eerder - wordt uitgelegd in de mail - werkten John de Wolf en Cesar Zuiderwijk mee. Ik moet eerlijk zeggen, heel even twijfelde ik.

Wortel glaceren

Waarom niet, lekker in een pannetje roeren en ondertussen uitleggen hoe je zes maanden met hoofdstuk acht hebt geworsteld. Een wortel glaceren terwijl je uitlegt waarom je voor de titel: “Meer Dood dan Levend” hebt gekozen.

“Nico snijdt een ui en zegt: zo voelde ik me in die tijd. Daarna keert hij de gehaktbal langzaam om.” Zo een interview.

Verwarming

Het vervelende van interviews is dat er vreemde mensen in je huis komen. Dat is nogal confronterend. Opeens zie je hoe lullig je de verwarming hebt geverfd. Daar sta je dan als geïnterviewde en uit je ooghoek zie je de hele reeks Baantjer in je boekenkast staan.

Geen Russische auteur te bekennen. Als je je keuken laat zien zegt de fotograaf: ‘nou, we moeten het er maar mee doen. Het is niet anders.’

Snijplank

Schrijvers die in hun keuken zijn geïnterviewd, je hoort er nooit meer iets over. Die zitten na het bezoek van de journalist twaalf jaar met een writersblock omdat de snijplank die ze gebruiken - volgens de journalist - van een inferieur merk is.

Daarom heb ik het interview gewoon zelf maar geschreven. Dat is wel zo handig.

NICO DIJKSHOORN: “koken is schrappen.”

Als wij aanbellen bij Nico Dijkshoorn horen wij eerst geschreeuw. Het is overduidelijk de stem van Dijkshoorn, die uit duizenden herkenbare neusklank.

We horen geluiden in het huis, er valt loodzwaar een kast om, er wordt hard gelachen door een vrouw, dan het geluid van een riem, gestommel op de trap en opeens zwaait de deur open. Dijkshoorn draagt een kookschort met daaronder gymschoenen. Verder niets.

Hij nodigt ons uit om binnen te komen. Ademloos kijken wij naar de schrijver, die vlak voor ons, met alleen een touwtje op zijn rug, twee trappen beklimt. In de keuken, een zogenaamd kookeiland, grijpt hij meteen de steel van een enorme koekenpan en schudt de inhoud, anderhalve pond kippenmaagjes, door elkaar.

Schudden

Dijkshoorn legt uit wat hij doet. “Schudden, dat is eigenlijk de kern van mijn koken. Andere koks doen het ook. Je zet iets op het vuur, je wacht tot het geluid begint te maken en daarna schud je. Dat doet iedere kok. Zo lijkt het of je heel goed kunt koken.’’

‘’Daarom doe ik het ook. Als je niet schudt ben je een Knorr-eenpansmaaltijden-koker, maar als je een willekeurig ingrediënt in de pan flikkert en je schudt, dan nemen mensen je meteen serieus.’’

‘’Afblussen met iets, dat is ook heel belangrijk. Dat het sist. Mensen denken dan: hij weet wat hij doet. Gelul. Ik heb geen idee. Ik weet eigenlijk vooral hoe koken er goed uitziet. Zo schrijf ik ook.”

Zes kilo buitenlands

Dijkshoorn pakt een fles ketjap manis uit een van zijn eilandkastjes en klokt een halve fles leeg in de pan. “Ik houd van zoet en buitenlands. Heerlijk vind ik dat, buitenlands. Bij de kaasboer vraag ik er speciaal naar. “Wat is dat voor kaas? Buitenlands? Doe dan maar zes kilo.”

Ik vind buitenlands eten heel anders smaken dan binnenlands eten. Buitenlandser vooral. Binnenlands eten vind ik ontoegankelijk eten.

Neem de bloemkool. Wat is dat voor een in zichzelf gekeerd stuk vreten? Met zo’n stronk. Dat we dan heel erg ons best moeten gaan doen om hem in stukken te snijden. Buitenlands eten kan je bijna altijd roerbakken. Binnenlands eten niet. Probeer jij maar eens een hele bloemkool door de pan te roeren. Dat lukt je niet. Omdat hij binnenlands is.

Lam uitbenen

Dijkshoorn legt uit dat het idee voor zijn nieuwste boek is ontstaan achter het gasfornuis. “Ik stond een lam uit te benen en dacht opeens: ik ga een boek schrijven over het uitbenen van een lam. Zo makkelijk is het. Kaft er omheen, en hopla, weer een boek klaar.”

Hij schudt wat aan de pan en gooit er een vloeistof in. Het sist. “Buitenlands, hoor je!! Als ik die woorden onder elkaar zet is het een gedicht. Zo werkt dat bij mij. Aan tafel!”

Bekijk het gesprek dat NU.nl voerde met Nico Dijkshoorn over zijn nieuwe boek