Er is wel degelijk een overeenkomst tussen Mein Kampf van Adolf Hitler en de Koran. Allebei zijn het blijkbaar boeken die mensen, bijna dwingend, achter zich verzamelen. Het gaat niet eens om de inhoud, of die vergelijkbaar is. Door Nico Dijkshoorn.

Ik heb allebei de boeken niet gelezen, zoals velen van u. Het gaat, in de gelijkenis, om het fanatisme waarmee er naar deze boeken wordt geleefd. Daar kunnen we er dus, laten we Wilders een handje helpen, nog wel een aan toevoegen. De Bijbel.

Met alle drie deze boeken onder de arm is er over de hele wereld dood en verderf gezaaid. Met de Bijbel, de Koran of Mein Kampf als alibi, is er over de hele wereld plunderend door dorpen en steden getrokken.

Flipstand

Hoe moet je in elkaar zitten om naar een boek te leven? Als je dan toch naar een boek wilt leven, neem dan 'Ik, Jan Cremer.' Dan doe je nog eens ergens de flipstand en lig je zes uur te bonken met een veter om je zak.

De hele commotie rond Wilders lijkt zich nu toe te spitsen op zijn vergelijking tussen de Koran en Mein Kampf. Als Wilders bedoelt dat het allebei boeken zijn die bij de verkeerde lezers haat en minachting in het brein zaaien, dan ben ik het voor een keer met hem eens.

Doorligplekjes

Maar ik ben bang dat Wilders dit helemaal niet bedoelt. Wilders voelt als geen ander aan waar de doorligplekjes op het uithoudingsvermogen van de gemiddelde boerenlul zitten. Waar het zweet, waar het smet, waar het woekert, waar het schrijnt. Met de Koran en Hitler samen in 1 zin knijpt hij een grote etterende wond vol troep uit, midden in de Nederlandse samenleving.

De beide achilleshielen van Nederland. De Tweede Wereldoorlog en De Islam. Noem ze in 1 zin, herhaal de vergelijking als je wordt aangeklaagd, en het gaat weer twee maanden over niets anders. Dat maakt het ook allemaal zo plat, zo dom en zo smakeloos. Dat voortdurende gemanipuleer van het gezonde volksgevoel.

Geschokt

Ik zag en hoorde gisteren verschillende interviews met Wilders. Eerst hoorde ik in de auto, op weg naar De Wereld Draait Door waar ik iedere woensdag live wat gedichten schrijf, meerdermalen dat Wilders geschokt was.

Teleurgesteld. Het woord aangeslagen viel. Een zwarte dag voor de vrijheid van meningsuiting. In DWDD zat Gerard Spong. Pas in de studio, tijdens het programma zag ik de beelden van Wilders. Die zag er niet uit als een aangeslagen man.

Gordijnen

In zijn ogen denderde een eeuwigdurend feest door de gangen van de Tweede Kamer. In zijn lichaam juichte het van opwinding. In zijn kamer had Geert, enkele minuten voor het interview, nog uitzinnig in de gordijnen gehangen. Een vervolging! Eindelijk.

Eindelijk eens een echte, die er toe doet. Hoe harder de staat hem schopt. zoveel beter gaat het met zijn partij. En de partij is Geert. Dat hebben we gezien aan de infantiele provocaties van Hero Brinkman die er op Curaçao vanaf het begin op uit was om als het stoutste jongetje van de klas naar huis te worden gestuurd.

Te gretig

Het was te opzichtig. Te gretig allemaal. Geert doet dat veel beter. Hij treft in Spong ook nog eens de gedroomde tegenstander. Een zeer zuinig en zakelijk formulerende advocaat die alleen maar juridisch geraakt lijkt te zijn. Hij zag een zaakje en is blij dat het er van komt. Dat is het.

Beide heren hebben wat ze het liefst willen. Gedoe. Gevraag. En vooral, hun naam op ieders lippen. Goed voor de zaak. Eigenlijk, zonder dat het misschien hun doel is, helpen zij elkaar.

Martelaar

Geert wordt door Spong nog meer de martelaar die hij al zo dolgraag is en Spong wordt door Wilders nog meer de rigide succesadvocaat die niet uit de media is te slaan. Zo worden er in ieder geval twee mensen beter van deze schertsvertoning.