Vorige week was het weer zover. "Overheid meester in onduidelijke brieven", luidde dinsdag de openingskop in de Metro. Het is zo'n stormpje dat met een zekere regelmaat opsteekt, even waait en dan ook weer gaat liggen. Door Onze Taal.

Dit keer ging het over de resultaten van een enquête onder duizend Nederlanders, uitgevoerd door communicatiebureau Leene.txt.

Het doet denken aan een luxe banketbakker die met eigen onderzoek komt waaruit blijkt hoe slecht en vies de taarten van de supermarkt wel niet zijn.

Belastingdienst

Maar goed. Herkenbaar is het in ieder geval wél, wat het communicatiebureau heeft ontdekt over de slechte overheidscommunicatie. Omslachtige formuleringen, een onpersoonlijke stijl en soms zelfs regelrecht onbegrijpelijke brieven - iedereen heeft er wel ervaring mee.

Vooral gemeenten, de Rijksoverheid en de waterbedrijven scoorden slecht. Maar het was niet alleen maar ellende wat de klok sloeg. De Belastingdienst bijvoorbeeld bleek het behoorlijk goed te doen. "Het openstaande bedrag moet u nog betalen." Dat is inderdaad wat je noemt duidelijke taal.

Schrijftrainingen

Je vraagt je af waarom er na al die noodkreten over onbegrijpelijke overheidstaal niet veel méér helder schrijvende organisaties zoals de Belastingdienst zijn. Wordt er eigenlijk weleens iets gedáán of wordt er alleen maar geklaagd?

Er gebeurt wel degelijk iets. Overal worden schrijftrainingen voor ambtenaren gegeven, jaarlijks wordt de beste overheidsbrief in het zonnetje gezet, en er zijn allerlei commerciële tekstbureaus die zich roeren - collega's van Leene.txt zogezegd.

Publiciteit

Een daarvan is BureauTaal. Geregeld zoekt dat de publiciteit met alarmerende berichten dat de Troonrede, geneesmiddelenbijsluiters, vmbo-eindexamenopgaven en wat al niet voor te veel mensen niet te snappen zijn.

En ze voegen de daad bij het woord. Twee jaar geleden publiceerde BureauTaal De Grondwet in eenvoudig Nederlands.

Simpel

Hoe ziet zo'n versimpelde Grondwet eruit? Simpel - dat zeker. Maar je ziet er ook aan af dat eenvoudige taal gemakkelijker gezegd is dan gedaan.

In de echte Grondwet staat bijvoorbeeld: "De wet regelt wie Nederlander is." In de vereenvoudigde versie is dat: "Wie Nederlander is, staat in de wet" - alsof er een wet bestaat waarin alle Nederlanders worden opgesomd.

Vmbo-boeken

Het probleem is dat moeilijke teksten vaak te lijf worden gegaan met korte zinnen en makkelijke woorden. Maar daar gaat het niet alleen om; je moet vooral ook aansluiten op de voorkennis en belevingswereld van de lezer. Alleen maar zinnen zonder bijzinnen maken is niet voldoende.

Dat bleek ook vorige maand. Toen publiceerde neerlandica Jentine Land haar proefschrift, waarin ze uitlegt dat de speciaal voor vmbo-leerlingen versimpelde lesboeken niet bevallen. De korte zinnen die daarin staan (en die ook niet worden verbonden met woorden als omdat en want) begrijpen de leerlingen helemaal niet beter - integendeel.

Het is een ander geluid dan dat van communicatiebureau Leene.txt. Het deed niet veel stof opwaaien, en haalde ook niet de voorpagina van de Metro.

Reageren? Ga naar www.onzetaal.nl