Virgil van Dijk en Georginio Wijnaldum hebben zaterdag met Liverpool de Champions League gewonnen. De 'Reds' waren in een weinig enerverende finale in Madrid met 2-0 te sterk voor Tottenham Hotspur.

Liverpool kwam al in de tweede minuut op voorsprong door een rake strafschop van Mohamed Salah en maakte vlak voor tijd aan alle spanning een einde dankzij een treffer van invaller Divock Origi.

Van Dijk - na afloop verkozen tot man of the match - en Wijnaldum hadden een basisplaats en werden zo de eerste Nederlanders sinds Arjen Robben (Bayern München) in 2013 die de Champions League wonnen. Beiden reizen in een dezer dagen af naar Portugal om met het Nederlands elftal in actie te komen in de finaleronde van de Nations League.

Door de zesde eindzege, de eerste sinds 2005, nam Liverpool revanche voor de verloren finale van vorig jaar in de Champions League. De ploeg van manager Jürgen Klopp moest toen in Kiev zijn meerdere erkennen in Real Madrid (3-1).

Liverpool mag nu in december uitkomen op het WK voor clubs en speelt bovendien in de zomer om de Europese Super Cup tegen Chelsea, dat afgelopen woensdag in de finale van de Europa League in Bakoe met 4-1 afrekende met Arsenal. Tottenham eindigt het seizoen zonder prijzen.

Minuut applaus voor Reyes

De confrontatie tussen Liverpool en Tottenham werd voorafgegaan door een indrukwekkende minuut applaus ter nagedachtenis aan de zaterdagochtend op 35-jarige leeftijd overleden José Antonio Reyes. De Spaanse middenvelder kwam om bij een verkeersongeluk in Sevilla. Hij speelde onder meer voor Atlético Madrid.

Liverpool kende vervolgens een droomstart. De op papier uitspelende club kreeg al na 24 seconden een strafschop, omdat scheidsrechter Damir Skomina vond dat Moussa Sissoko hands maakte bij een voorzet van Sadio Mané en VAR Danny Makkelie niet ingreep. Salah faalde niet vanaf 11 meter: 0-1.

De razendsnelle openingstreffer zorgde er niet voor dat Tottenham risico's ging nemen. De 'beul' van Ajax in de halve finales probeerde het wel, maar slaagde er amper in om in de buurt te komen van het vijandelijke doel. Sissoko en Christian Eriksen waren de enigen die gevaar stichtten met afstandsschoten.

Liverpool wist op zijn beurt niet door te drukken en kwam niet verder dan een afzwaaier van Salah en een knal van Andrew Robertson die nog net over het doel werd getikt door doelman Hugo Lloris. De wedstrijd zat daardoor een beetje op slot en de amusementswaarde was laag.

Spelbeeld blijft hetzelfde in tweede helft

Het spelbeeld veranderde aanvankelijk niet in de tweede helft. Tottenham deed er alles aan om een gaatje te vinden in de hechte verdediging van Liverpool, maar het lukte niet om de van een enkelblessure herstelde topscorer Harry Kane in stelling te brengen.

Dat lukte ook niet na de invalbeurt van Lucas Moura, die met een hattrick verantwoordelijk was voor de uitschakeling van Ajax. Sterker nog, Liverpool kreeg de eerste grote kans. James Milner speelde zich op het rand van het strafschopgebied knap vrij, maar schoot vervolgens rakelings naast het doel van Lloris.

De slotfase leverde ook niet al te veel spektakel op. In een soort alles-of-nietsmodus was Tottenham nog wel twee keer dicht bij de gelijkmaker, maar zowel Heung-min Son als Moura stuitte op keeper Alisson Becker, die daarmee zijn transfersom van tientallen miljoenen euro's meer dan waarmaakte.

De hoop ebde zo langzaam weg bij Tottenham en drie minuten voor tijd was die helemaal vervlogen. Origi, in de halve finales tegen FC Barcelona ook al trefzeker, schoot fraai raak uit een lastige hoek (2-0).

Liverpool kon de wedstrijd vervolgens rustig uitspelen in de wetenschap dat de club na veertien jaar weer de beste van Europa is. Ook voor Klopp is dat een enorm succes en tevens een opluchting. Na drie verloren Europese finales (één met Borussia Dortmund en twee met Liverpool) kwam de Duitser eindelijk als winnaar uit de strijd.

Liverpool na afloop met de beker. (Foto: Pro Shots)