Hoeveel wereldsterren kun je opnoemen die op een gegeven moment verkasten naar Nederland? Vast wel een paar, want ze waren er zeker. Zanger Gino Vannelli was er een van. Hij vestigde zich in Amersfoort.

Toch was de Canadese musicus nooit uitzonderlijk populair in Nederland. Enkel Wild Horses en de powerballad Hurts To Be In Love waren grote hits, hoewel ook People Gotta Move en Powerful People door het Nederlandse publiek gewaardeerd werden. De 3-cd-box Collected bevat een zeer uitgebreid overzicht van zijn rijke oeuvre.

Van de obscure opname Never Cry Again uit 1969, via het titelnummer van zijn debuutalbum Crazy Life uit 1973 en zijn doorbraaksingle People Gotta Move, een jaar later, tot de grote hits uit de jaren 80 en zijn zeer uiteenlopende werk in recentere jaren: elke periode uit zijn carrière is ruimschoots vertegenwoordigd.

Zijn meest kenmerkende platen stammen uit de jaren 70 en zijn grotendeels op het eerste schijfje te vinden. De gelaagde synthesizerarrangementen van zijn broer Joe Vannelli werden, samen met zijn donkere krullenbos, het handelsmerk van de zanger. Hoogtepunten uit dit tijdperk zijn Appaloosa, Felicia en het funky Mama Coco.

Gezapig

Zijn verhalende zangstijl komt overeen met die van Billy Joel, Jim Croce en Rupert Holmes, maar de op jazz geïnspireerde stukken worden in de jaren 80 grotendeels verruild voor zowel gezapige ballads als Young Lover, Nightwalker en Living Inside Myself en fonkelende radiopop als Persona Non Grata, Black Cars en The Longer You Wait.

Zijn Italiaanse wortels komen naar boven in het emotionele Parole Per Mio Padre, afkomstig van zijn operaplaat Canto uit 2002. Geheel anders dan alles ervoor en alles erna. De kers op de taart in het nooit uitgebrachte duet met Alain Clark. Verre van het beste lied op Collected, maar de overige vijftig zijn bijzonder aangenaam.