Een erg verrassende WK-hit verscheen in 1998 in de vorm van (How Does It Feel) To Be On Top Of The World, waarop Echo & The Bunnymen met Spice Girls zong. Dit WK geen vrolijkheid van de Britse rockband.

Waar de band uit Liverpool destijds verraste met het opgewekte voetballiedje, te midden van een comeback na groot succes in de jaren 80, komt Echo & The Bunnymen nu op de proppen met mogelijk het meest introspectieve album in diens oeuvre. Zanger Ian McCulloch schreef de liedjes om zijn persoonlijke problemen te verwerken.

Zijn werkrelatie met gitarist Will Sergeant, naast McCulloch het enige nog resterende lid van de band, was bekoeld en het twaalfde studioalbum Meteorites is dan ook nagenoeg een soloalbum van de zanger. Producer Youth (die eerder werkte met Crowded House, The Verve en Killing Joke) overtuigde Sergeant de gitaarpartijen in te spelen.

Derhalve zijn de voornaamste kenmerken van Echo & The Bunnymen present op Meteorites. Vanwege de aanwezigheid van nepstrijkers op een aantal nummers, met name prominent op Is This A Breakdown?, Grapes Upon The Vine en de titelsong, is een vergelijking met het dertig jaar oude orkestrale album Ocean Rain snel gemaakt.

1997

Toch is Meteorites geen terugkeer naar de door de fans zo geliefde klanken uit de jaren 80, maar eerder een continuering van het britpopwerk uit het daaropvolgende decennium, met zeker niet onaardige, maar wel enigszins gedateerd aandoende nummers als Holy Moses, Explosions en Burn It Down. Dit album klinkt als 1997.

McCulloch is als poëet nog altijd even sterk als tijdens de hoogtijdagen van Echo & The Bunnymen, maar met zijn zang weet hij nergens echt te raken. De overdadige productie van Youth helpt ook niet echt mee om de reflecterende aard van de teksten naar de oppervlakte te brengen. Alsof je gaat biechten terwijl de kerkklokken luiden.