"We schrijven geschiedenis zoals Nelson Mandela dat deed", kunnen we rapper Pitbull horen zeggen op het 22e Santana-album Corazón. Toch bevat de plaat verre van het meest memorabele werk van meestergitarist Carlos Santana.

Het is alweer vijftien jaar geleden dat Santana een verbluffende comeback maakte met het geprezen album Supernatural, met daarop onder meer de hits Smoothe en Maria Maria. De langspeler vol samenwerkingen met hedendaagse vocalisten en liedjesschrijvers zou de blauwdruk vormen voor nog een aantal soortgelijke platen.

Corazón volgt grofweg dezelfde formule, zij het nu voornamelijk met latinartiesten. Bovendien bestaat het album voor ruim de helft uit covers en bewerkingen van oude hits. Yo Soy La Luz is zelfs het enige nummer uit de pen van Carlos Santana zelf. Oye Como Va (origineel van Tito Puente) wordt compleet verbouwd voor dit album.

Samen met Ziggy Marley maakt Santana een nieuwe opname van de Bob Marley-klassieker Iron Lion Zion en een drietal vocalisten staan de gitaarheld bij op de Pink Martini-cover Una Noche En Nápoles. Liedjes van latinartiesten als Skank, Jarabe de Palo, Bola Sete en Los Fabulosos Cadillacs passeren eveneens de revu.

Overbodig

Datgene wat Supernatural in 1999 zo bijzonder maakte, Santana’s kenmerkende gitaarklanken verwerkt in eigentijdse pop- en R&B-nummers, heeft in 2014 zijn glans wel verloren. In sommige gevallen kan zijn snarenspel zelfs als irritant er overbodig ervaren worden, zoals op het gevoelige liedje Indy van zanger Miguel.

Het gitaarspel van Santana is minder storend op opgewekte latinniemendalletjes als Saideira en Feel It Coming Back of in de zwoele liederen van Gloria Estefan (Besos De Lejos) en Juanes (La Flaca). Corazón mist de rocknummers waar Santana is de jaren 70 groot mee is geworden alsmede de hits die in 1999 goed waren voor zijn comeback.