Het Limburgse rocktrio DeWolff trok voor de vijfde langspeler Grand Southern Electric naar de VS, om daar samen te werken met iemand uit het kamp van The Black Keys. De psychedelica werd thuisgelaten.

Nu was het psychedelische element al voor een groot deel afwezig op het voorgaande album DeWolff IV, waarop het drietal zich al voorzichtig aan compactere rockliedjes waagde. Op Grand Southern Electric wordt die lijn verder voortgezet. Meer liedjes, minder jamsessies, terwijl toch het karakter van de groep bewaard blijft.

De retroklanken tieren wederom welig op dit album, maar alles is nauwkeuriger gedoseerd. De toetspartijen van Robin Piso zijn zelden overheersend, maar vooral dienend, ten faveure van het liedje. Goede voorbeelden daarvan zijn Restless Man, Stand Tall, Working Like A Dog en Satilla No. 3, allen bijzonder fijne rockdeunen.

Het geheel wordt overgoten met het Black Keys-sausje van producer Mark Neill, die het werk van zijn andere werkgever als duidelijk referentiekader meegaf aan de Limburgers. Andere hoorbare invloeden zijn, wederom, Neil Young (Wealthy Man, Ripple Faced Thing) en The Allmann Brothers Band (Evil Mothergrabber, Satilla No.3).

Impact

De elektrische gitaren worden aan de kant gelegd op Ride With You, dat een van de meest eigenzinnige liedjes op de plaat is. Een andere sterke compositie is (Ain’t Nothing Wrong With) A Little Bit Of Loving, waarop DeWolff bovendien weer de kans krijgt om zijn virtuositeit ten toon te spreiden. In bescheiden mate heeft het meer impact.

Waar de zang van frontman Pablo van de Poel nog een noodzakelijk kwaad was op de eerste paar platen, heeft hij nu echt zijn stem gevonden. Eigenlijk kan dat voor DeWolff als geheel worden gezegd, want de groep laat op Grand Southern Electric een hecht bandgeluid horen, zonder elkaar af te troeven in bekwaamheid.