Na uitvoerig achterom te hebben gekeken tijdens het jubileumjaar 2012, evalueert Bløf op het album In Het Midden Van Alles hoe de zaken er nu voor staan. De Zeeuwse band lijkt het verleden zelfs van zich af te laten glijden.

Uit alles blijkt dat Bløf in het nu staat. Veel duidelijker dan de albumtitel kan het kwartet het eigenlijk niet uitleggen, al is ook de bijzonder pakkende single Spijt Heb Je Morgen Maar een duidelijk statement van hoe de mannen op dit moment tegen het leven aan kijken. Toch wordt er nergens achteloos gemusiceerd. In tegendeel.

Waar de voorgaande plaat Alles Blijft Anders vooral een stilistische opsomming was van het Bløf-geluid, worden op In Het Midden Van Alles weer grenzen opgezocht. Het leek alsof de band na Umoja liever vasthield aan de vast omkaderde klanken van zijn eerdere platen, maar producer J.B. Meijers trekt de band uit zijn comfortzone.

Dat levert een aantal van de meest avontuurlijke Bløf-producties ooit op, met name het lang uitgesponnen Aan/Uit (met zijn vele auditieve wendingen), het opgetogen, gospelachtige Open Je Ogen (met achtergrondkoor van Anouk), het aangenaam melancholische Tijd Drijft en het om een bluesy gitaarriff opgebouwde Dag En Nacht.

Kleurrijk

Bijgestaan door Ken Stringfellow weven Meijers en Bløf een kleurrijk klanktapijt, met volop ruimte voor elektronica en samples. Ook in lyriek is dit verre van een typische Bløf-plaat. De poëtische potsierlijkheid die vooral de vroege teksten van Peter Slager kenmerkten, hebben plaatsgemaakt voor scherpere, meer kordate bewoordingen.

Slagers teksten zijn veel directer en herkenbaarder, enigszins vergelijkbaar met Stef Bos of Frank Boeijen. Zo wordt het overwinnen van onzekerheid op treffende wijze verwoordt in Man Als Geen Ander en het nummer Wraak lijkt simpelweg een dikke middelvinger naar alle criticasters. Een streep onder het verleden en zien wat de dag brengt.