Met de folkrevival op zijn ogenschijnlijke hoogtepunt, ligt de opleving van een ander oud genre helder in het vizier: psychedelische rock. De Britse band Temples baadt op debuutalbum Sun Structures in fantasierijke klanken.

Temples werd medio 2012 opgericht door zanger en gitarist James Bagshaw en bassist Thomas Warmsley. Aanvankelijk was Temples bedoeld als studioproject, maar al gauw werd de band versterkt door Sam Toms (drums) en Adam Smith (gitaar, keyboard). Debuutsingle Shelter Song was in 2012 al een fijn voorproefje.

Omdat het nummer grofweg de muzikale lading van het debuut van Temples dekt, opent Shelter Song deze langspeler. Liefhebbers van psychedelica uit de jaren 60 (het latere Beatles-werk, de vroege Pink Floyd-nummers, The Byrds, Small Faces) of van diverse revivalacts (Jacco Gardner) kunnen goed met deze plaat uit de voeten.

Bagshaw fungeerde als producer en voornaamste liedschrijver en laat horen goed naar zijn voorbeelden te hebben geluisterd: dromerige, meerstemmige zanglijnen galmen door bonte, pastelkleurige klanklandschappen, samengesteld uit echo’s en delays van de elektronische versterkte instrumenten van het kwartet uit Kettering.

Platenkasten

Toch is Sun Structures niet louter een pastiche van de psychedelische rock uit de platenkasten van de vaders van de bandleden. In het drumwerk op Test Of Time en Sand Dance wordt gerefereerd aan recentere popproducties, terwijl de gitaarlijntjes soms meer doen denken aan Queens Of The Stone Age dan aan The Doors.

Sowieso kunnen recentere Britse artiesten als Oasis, Miles KaneBlur en het Australische Tame Impala worden afgevinkt als herkenningspunten. Een erg eigen gezicht heeft Temples dus niet direct, maar met voortreffelijke liedjes als Keep In The Dark, The Golden Throne, Fragment’s Light en Mesmerise op zak is dat niet de eerste vereiste.