Met Marco Borsato als coach slaagde zangeres Julia van der Toorn erin het vierde seizoen van The Voice Of Holland te winnen. Zoals gebruikelijk bij de zangwedstrijd levert dat een debuutalbum vol covers op.

De talentenjacht adverteert zichzelf als de ultieme zoektocht naar de beste onontdekte stem van Nederland. Of die daadwerkelijk ooit gevonden is, is discutabel. Na beluistering van haar eerste plaatje kun je je afvragen of Julia van der Toorn dat predicaat nu al verdient. Ze was de populairste in de competitie, zoveel is zeker.

Van der Toorns stem ligt prettig in het gehoor, ze kan zich het gekozen repertoire tot op bepaalde hoogte prima eigen maken en ze is technisch voldoende onderlegd om de duur van deze langspeler interessant te blijven. Ze trekt vooral de aandacht tijdens de liedjes van de zangeressen op wie ze haar stijl gemodelleerd heeft.

De akoestische soul van India.Arie en Lianne La Havas wordt bovendien nagebootst in covers van Alicia Keys, Britney Spears, Rihanna en Miley Cyrus, maar Van der Toorns stem voelt iel en aarzelend aan in de grootse meezingrefreinen. Wanneer de vocale prestatie wel lovenswaardig is (All Of Me, Hey Ya!), mist ze weer overtuiging.

Zwaktes

Van der Toorn is beslist geen beroerde zangeres, verre van zelfs, maar haar debuut belicht desondanks eerder haar zwaktes dan haar sterke punten. Nu is het sowieso een gewaagde keuze om nummers te coveren van artiesten die stuk voor stuk betere vocalisten zijn, maar dat zijn met name de keuzes van haar begeleiders geweest.

De pas 18-jarige zangeres bezit ontegenzeggelijk veel talent en arrangeur annex producer Jeroen Rietbergen mag geprezen worden voor zijn pogingen de liedjes bij Van Der Toorns stem te laten aansluiten. Haar onervarenheid ligt nog erg aan de oppervlakte, dus hopelijk krijgt zij wél de ruimte van haar platenfirma om zich verder te ontwikkelen.