Dat shockrocker Marilyn Manson door een van je liedjes heen gromt dat je een 'bad girl' bent, maakt het nog geen absolute waarheid, maar het is duidelijk dat Avril Lavigne alle zeilen bijzet om haar geloofwaardigheid te behouden.

Dat is geen makkelijke klus, want in de ogen van het grote publiek blijft deze ooit zelfbenoemde punkrockprinses vooral dat achttienjarige meisje dat al puberend Sk8er Boi en Complicated de hitlijsten inzong. Inmiddels is Lavigne voor de tweede keer getrouwd, hoewel je dat stuk levenservaring niet terughoort op haar vijfde plaat.

De Canadese zangeres heeft het talent om ongelofelijk simpele rijmpjes om te toveren tot infectieuze hitrefreinen en met name op haar eerst twee albums slaagde ze erin ook enige diepgang in de teksten toe te voegen. Dit titelloze album komt wat dat betreft wat in de buurt van dat werk, al klinkt ze amper ouder dan ze in 2004 was.

In de popballads Falling Fast en Hush Hush, helemaal op het einde van de plaat, horen we een volwassen Lavigne, maar elders op het album probeert de inmiddels 29-jarige zangeres krampachtig vast te houden aan haar jeugdige imago. Op liedjes als Rock N Roll en Here’s To Never Growing Up klinkt ze nog steeds als een tiener.

Geforceerd

Ook de toekomstige zomerhit Bitchin’ Summer, het zorgenloze Sippin’ On Sunshine, het bitterzoete Hello Heartache en het tamelijk puberale dubstepnummer Hello Kitty vertonen symptomen van een quarterlife-crisis. De verheerlijking van kalverliefde op het liedje 17 en het geforceerd expliciete Bad Girl vallen binnen dezelfde categorie.

Wanneer je de liedjes echter niet stuk analyseert, dan hoor je dat Lavigne samen met onder meer producer David Hodges en haar echtgenoot Chad Kroeger (zanger van Nickelback) dertien toegankelijke pophits heeft gefabriceerd waar menig collega jaloers van zou worden. Gewoon doen alsof het weer 2002 is en lekker meezingen.